Ontwikkelingspsychologie II biedt een actueel overzicht van de stand van zaken van de ontwikkelingspsychologie vanaf de jongvolwassenheid tot aan het einde van het leven. De fysieke, cognitieve, sociale en persoonlijkheidsontwikkeling in deze fasen komen uitgebreid aan de orde. Feldman benadert deze aspecten in chronologische volgorde. Het boek combineert en integreert theorie, onderzoek en praktijk op een aantrekkelijke manier. Deze nieuwe editie belicht actuele ontwikkelingen in het vakgebied wereldwijd en toegespitst op Nederland en Vlaanderen. De traditionele kerngebieden en historische ontwikkelingen worden besproken. Daarbij wordt steeds een link gelegd naar nieuwe ontwikkelingsgebieden, onderzoeksbevindingen en trends. Het boek onderstreept bovendien dat maatschappelijke en culturele factoren van grote invloed zijn. De auteur leidt de student door het boek aan de hand van aansprekende voorbeelden en oefeningen. Op de begeleidende website staan bovendien per hoofdstuk multiplechoicevragen met feedback en verwijzingen naar de betreffende passages in het boek, en een casus met uitwerking. Ook videoopdrachten verduidelijken de theorie. Ontwikkelingspsychologie II sluit naadloos aan op Ontwikkelingspsychologie I.
Praktijkboek beroepsgeheim en informatievoorziening in de zorgHet medisch beroepsgeheim is bepalend in de relatie tussen hulpverlener en patiënt, maar zonder adequate informatieverstrekking is werken in de zorg niet mogelijk. Het gevolg is dat hulpverleners altijd een keuze moeten maken tussen spreken of zwijgen. Tijd om te overleggen met collega’s of om een handboek te raadplegen ontbreekt meestal. Ook het uitstellen van de keuze tussen geheimhouding en informatieverstrekking is een keuze. Zelfs niet kiezen is een keuze. Dit Praktijkboek beroepsgeheim beschrijft in (vaak korte) casus een groot aantal verschillende situaties waarin die keuze een rol speelt en geeft per geval kort en krachtig aan wat de verschillende hulpverleners wel of niet mogen/kunnen doen.Dit Praktijkboek is bedoeld als handreiking voor elke hulpverlener in de zorg die wordt geconfronteerd met dilemma’s over geheimhouden en informatieverstrekking en waarbij een praktisch antwoord wordt verwacht.Mr. Dr. W.L.J.M. (Wilma) Duijst studeerde geneeskunde aan de Vrije Universiteit Amsterdam en rechten aan de Open Universiteit Nederland. In 2005 promoveerde zij op het proefschrift ‘Boeven in het ziekenhuis, Een juridische beschouwing over de verhouding tussen het medisch beroepsgeheim en de opsporing van strafbare feiten’. Zij doceert strafrecht aan de Radboud Universiteit te Nijmegen en is onder meer betrokken bij de opleiding voor huisartsen, kinderartsen en justitiële geneeskundigen. Daarnaast is zij forensisch geneeskundige in de regio Ijsselland en is plaatsvervangend (straf ) rechter bij de rechtbank Arnhem.
Het casusboek Chirurgie biedt de student geneeskunde inzicht in het medisch denken en handelen van diverse chirurgen in academische en algemene ziekenhuizen in Nederland aan de hand van 68 casussen rondom chirurgische overwegingen voor of tijdens hun operaties. De redactie van Chirurgie bestaat uit heelkundigen met ieder een specifiek chirurgisch aandachtsgebied. De gedrevenheid om de chirurgie op een patiëntgerichte wijze te onderwijzen, is de bindende factor van de redactie. De auteurs beschouwen de patiënt, met diens eigen verhaal en observaties, samen met de vakkennis van de chirurg als de grondslag van het chirurgisch denken en handelen. De lezer wordt met deze probleemgerichte benadering vertrouwd gemaakt en bij elke casus langs probleemlijsten en de differentiële en aanvullende diagnose naar de uiteindelijke chirurgische behandeling geleid. Het boek is primair voor het medisch curriculum bedoeld.
Hoe ga je om met een emotionele patiënt? En hoe kom je erachter of iemand je begrijpt? Welk effect heeft je eigen houding op het gedrag van je collega's? Wat doe je als een patiënt discriminerende opmerkingen maakt? Voor assistenten in de gezondheidszorg is omgaan met mensen een belangrijk onderdeel van de dagelijkse beroepspraktijk. Het is voor hen dan ook essentieel om meer te weten over het ontstaan van eigen en andermans gedrag, en over factoren die meespelen in de communicatie tussen mensen. Het basiswerk Professionele communicatie en beroepshouding geeft tekst en uitleg bij het eigen gedrag, het reageren op het gedrag van cliënten en collega's en andere aspecten van de beroepshouding. Aparte onderdelen vormen conflicthantering en omgaan met cultuurverschillen. Het boek is zeer overzichtelijk opgezet en bevat veel praktische tips. De theorie wordt gekoppeld aan herkenbare casus en praktijkvoorbeelden, en ondersteund door aansprekende foto's. De nieuwe burgerschapscompetenties zijn integraal opgenomen en worden naast de specifieke beroepskwalificaties geïntroduceerd. Dit basiswerk volgt onderstaande titel uit de Kompas-reeks op. - Professionele communicatie en beroepshouding
...Na kritiek op de dogmatische wijze waarop rechters in een almaar verhardende samenleving lange tijd noodweer(exces) benaderden, lijkt er gestaag een versoepeling te zijn opgetreden in de uitleg van de noodweervereisten.Verspreid over de vakbladen zijn daaraan inmiddels een groot aantal artikelen gewijd. In dit boek worden door de auteurs de heersende leer, recente ontwikkelingen en inzichten per noodweerfacet overzichtelijk weergegeven en geanalyseerd, opdat de praktijkjurist in ÚÚn handzaam werk alle benodigde informatie bij de hand heeft voor de casus waarvoor hij zich gesteld ziet.
Geriatrische problemen kenmerken zich door een toegenomen kwetsbaarheid bij oudere patiënten. Een klein probleem kan aanleiding geven voor ontregeling van de totale gezondheid. Vroegtijdige herkenning is van groot belang.Geriatrische problematiek zal de komende jaren in alle velden waar verzorgenden werkzaam zijn, explosief toe gaan nemen. Doordat de verzorgende dicht bij de patiënt staat, kan zij een belangrijke rol spelen bij de herkenning en verzorging van geriatrische patiënten.Geriatrische problematiek kenmerkt zich door een veelvoud aan beïnvloedende factoren. Lichamelijke, psychische en sociale oorzaken zijn vaak verweven, waardoor het meestal niet op voorhand duidelijk is wat de probleemaanleiding vormt. Kennis, vaardigheden en het vermogen samen te kunnen werken met de arts, verpleegkundige en andere disciplines, zijn essentiële vaardighedenom de zorg voor geriatrische patiënten waar te kunnen maken.Dit boek geeft inzicht in het geriatrisch spectrum aan zorgproblemen. Elk hoofdstuk biedt per zorgprobleem een praktische handleiding voor benadering en verzorging. Schematisch loodst de tekst de verzorgende (i.o) via een beeldende casus, langs de probleeminventarisatie, interventies, het waarom van de interventies naar de conclusie. Door verwijzingen blijkt dat de zorgproblemen niet op zichzelf staan, maar in onderlinge samenhang voorkomen.De stof wordt op een aantrekkelijke manier gepresenteerd, zodat de student de situaties uit de praktijk kan herkennen en direct een koppeling kan maken naar de theorie.
Patiënten presenteren zich doorgaans met aspecifieke klachten die zich bij verschillende ziekten kunnen voordoen. Artsen hanteren daarom doorgaans een probleemgeoriënteerd denkmodel om een goede diagnose te stellen. Echter, medische studenten worden veelal thematisch geschoold waarbij gebruik gemaakt wordt van algemene, brede leerboeken. Aldus is het risico groot dat er een kloof ontstaat tussen de academische systematiek en de klinische praktijk. Om die reden is al in 1994 (in het raamplan voor het medisch onderwijs) vastgesteld dat het geneeskundig curriculum een probleemgeoriënteerde invalshoek moest krijgen. Dit boek wil een basis bieden voor het aanleren en aanscherpen van het probleemgeoriënteerde denken in de -interne- geneeskunde. Aan de hand van 29 casus wordt de lezer gedwongen zich het klinisch redeneren eigen te maken; aanvankelijk op grond van de klacht of het initiële beeld, later mede op basis van uitkomsten van uitgevoerd onderzoek en nieuwe feiten en gegeven opties. Deze klinische analyses zijn buitengewoon verhelderend voor studenten, co-assistenten en artsen.
Globalisering wordt meestal gelinkt aan economie, klimaat, armoedebestrijding en dergelijke. Of en in welke mate de globalisering het onderwijs raakt, is veel minder duidelijk en de literatuur daarover is dan ook zeer divers. Men ziet wel allerlei tendensen, maar het overzicht is daarbij vaak zoek. In dit boek wordt getracht de globaliserende tendensen voor het onderwijs op een meer systematische wijze in kaart te brengen. Dat gebeurt door ze te ordenen in vier lagen van globalisering. De eerste laag richt zich op de wereld als beïnvloedende factor. Dit is de globaliseringsimpact op het onderwijs in de strikte betekenis van globalisering van het onderwijs. De tweede laag bekijkt de invloeden op het niveau van wat vaak beschavingen worden genoemd, zoals, de westerse, de Arabisch-islamitische, de Chinese, de Indiase. De derde laag is de transnationale, waarbij in dit boek uitvoerig ingegaan wordt op de impact van de Europese Unie op het onderwijs van de afzonderlijke staten. Op de vierde plaats komt de dichtst bij zijnde laag, de natiestaat aan bod. Het gaat er dan om hoe een natiestaat reageert op de internationaliserende invloeden van de geschetste lagen.Naast een beschrijving van deze vier lagen komen nog drie thematische hoofdstukken aan bod in verband met globalisering en internationalisering. Vorming tot wereldburgerschap, ook wel mondiale vorming geheten, is er een van. Verder wordt ook ingegaan op het opvangen en onderwijzen van allochtonen in een onderwijssysteem, vooral toegespitst op de casus Vlaanderen. Ten slotte wordt ook aandacht besteed aan de ontwikkelingssamenwerking op het gebied van onderwijs. Ook hier gelden België en Vlaanderen als illustratie.
Europees recht schetst in hoofdlijnen de structuur van het recht van de Europese Unie met de nadruk op regels hierover. Het boek legt de aanstaande ondernemer of bestuurder op heldere en praktische wijze uit hoe het Europees recht werkt aan de hand van aansprekende en herkenbare praktijkvoorbeelden.Daarnaast besteedt het boek aandacht aan de grondbeginselen van het Europees gemeenschapsrecht en aan de Europese wet- en regelgeving. Het boek leent zich uitstekend voor zelfstudie. Ieder hoofdstuk bevat een casus en aanvullende vragen die de student helpen de stof te begrijpen.In de nieuwe negende druk zijn de ingrijpende wijzigingen verwerkt die in het recht van de Europese Unie hebben plaatsgevonden door het in werking treden van het Verdrag van Lissabon per 1 december 2009.
Burgerlijk recht is een uitvoerige inleiding in nagenoeg alle onderdelen van het burgerlijk recht. Het boek is geschreven met het oog op het competentiegerichte onderwijs van het cluster juridisch van het mbo.Het boek bevat basisstof en verdiepingsstof in een kleinere letter. Deze verdiepingsstof maakt dat het boek ook geschikt is voor anderen, bijvoorbeeld studenten van het hbo, die een heldere inleiding in het burgerlijk recht zoeken.Het boek bestaat uit zeven delen: personen- en familierecht, erfrecht, ondernemingsvormen en rechtspersonen, goederenrecht, verbintenissenrecht, benoemde overeenkomsten en faillissements- en procesrecht. De verschillende delen kunnen onafhankelijk van elkaar en in willekeurige volgorde worden bestudeerd.De tekst is zo geschreven dat de cursist de stof zowel zelfstandig als onder begeleiding kan bestuderen. Een duidelijke hoofdstukstructuur met doelstellingen, een casus, een inleiding en aan het eind een samenvatting en een verklarende woordenlijst gidsen de cursisten door de stof. Voorbeelden uit het leven van alledag en uit de jurisprudentie brengen de leerstof zo dicht mogelijk bij de praktijk. Met behulp van de vragen en opdrachten aan het einde van ieder hoofdstuk kan de cursist vaststellen of hij de leerstof op toepassingsniveau beheerst.Al met al legt Burgerlijk recht een stevige privaatrechtelijke basis voor de latere beroepspraktijk van de cursist.Deze uitgave is bestemd voor juridische studenten in het MBO en studenten Management, Economie en Recht (MER).
Het vaardighedenboek geeft een instructie voor het gebruik van wetgeving en van parlementaire documenten die ten grondslag liggen aan een wet. Het zet uiteen hoe uitspraken van diverse rechters in elkaar zitten en legt een basis voor de uitermate belangrijke competentie van juridisch argumenteren. Het bevat een handleiding voor de vaardigheid casus oplossen, waarin alle eerder genoemde vaardigheden samenkomen. Het boek besluit met enkele presentatietechnieken, waarvan het pleidooi bij uitstek relevant is voor de rechtspraktijk.
Waarom word ik niet zwanger? Help, ik drijf mijn bed uit! De baby komt niet, past het wel? Studenten vinden het vaak niet eenvoudig om de in hun studie opgedane theoretische kennis te vertalen naar het oplossen van medische problemen in de praktijk. Hoe interpreteer je gegevens uit anamnese en onderzoek? Hoe kom je tot een medische beslissing bij alledaagse en minder alledaagse problemen in de verloskundige en gynaecologische praktijk? Verloskunde en gynaecologie - casuïstiek uit de dagelijkse praktijk ondersteunt studenten bij het ontwikkelen van het klinisch denken. Het casusboek, een aanvulling op de eerder verschenen uitgaven Praktische gynaecologie en Praktische verloskunde, biedt een uniek kijkje in de spreekkamer van arts, gynaecoloog en verloskundige. Door de systematische presentatie van de 45 casus - anamnese, onderzoek, diagnose, behandeling en follow-up - leent de casuïstiek zich bij uitstek voor probleemgeoriënteerd onderwijs. Verloskunde en gynaecologie - casuïstiek uit de dagelijkse praktijk is onderdeel van de Casusreeks. Deze reeks presenteert casus uit de klinische praktijk en is daarmee een hulpmiddel bij het systematisch (leren) bepalen van een behandelplan. De casuïstiek dient als leidraad bij probleemgericht onderwijs. Deze reeks is niet alleen een steuntje in de rug voor de co-assistent die vertrouwd raakt met de praktijk, maar ook een opfrisser en inspiratiebron voor de meer ervaren arts. Dit boek is in de eerste plaats bedoeld voor studenten geneeskunde en verloskunde. Daarnaast is het een bron van informatie voor ervaren artsen die graag scherp willen blijven of hun kennis willen toetsen.
Palliatieve zorg wordt steeds belangrijker, alleen al door de stijging van het aantal patiënten met kanker. Er is inmiddels veel ervaring opgedaan en het is goed deze ervaring en bijbehorende kennis te delen.Casusboek palliatieve zorg beoogt een aanvulling te zijn op de bestaande standaardwerken over palliatieve zorg. Een groot aantal deskundigen op het gebied van de palliatieve zorg hebben hun ervaring en kennis gebundeld in de vorm van casuïstiek gebaseerd op hun eigen praktijk. Hoewel er in de praktijk meestal meerdere problemen tegelijkertijd spelen,is er voor gekozen, ten behoeve van de overzichtelijkheid, steeds één probleem in de schijnwerpers te zetten. Iedere casus wordt beëindigd met een multiple choice vraag. De antwoorden worden gegeven en besproken aan de hand van de nationale richtlijnen en recente literatuur.
Zorggericht Differentiëren bestaat uit drie delen: Kraamverzorging, deelkwalificatie 313, Zorg voor ouderen, deelkwalificatie 314 en Zorg voor chronisch zieken, deelkwalificatie 315. In plaat van één lange casus met leertaken die zich op onderdelen van de zorg richt, zoals in voorgaande werkboeken, wordt in ieder deel drie (mini) casussen aangeboden. De eerste drie leertaken en opdrachten bij de minicasussen laten veel overeenkomsten zien. Dit geeft veel ruimte voor eigen invulling van de opdrachten. Een vierde leertaak gaat over specifieke zorg aan de zorgcategorie die centraal staat in de casus en deelkwalificatie. Daarnaast kan de student zelf een vierde casus gaan invullen die vanuit de stage of praktijkervaring wordt gekozen. De student maakt hiervoor gebruik van een realistische praktijksituatie. In de planning van de differentiatiefase moet er dus rekening mee gehouden worden dat men tijdens het werk/de BPV een zorgsituatie kiest die als vierde casus bruikbaar is
Dit boek beoogt een overzichtelijke en complete inleiding te zijn in het algemeen bestuursrecht.Voor beginnende studenten is de bestudering van dit rechtsgebied geen eenvoudige opgave. Het bestuursrecht is abstract en de Algemene wet bestuursrecht is behoorlijk technisch.Kern van het bestuursrecht introduceert de student aan de hand van talrijke voorbeelden, juridische casus, schema’s en oefeningen stapsgewijs in de boeiende wereld van het hedendaagse bestuursrecht. Hierbij is enerzijds in het bijzonder aandacht besteed aan didactiek. Anderzijds zijn geen concessies gedaan aan het wetenschappelijke niveau van het boek. Zo gaat veel aandacht uit naar grondslagen en beginselen. Ook de bespreking – op een begrijpelijke wijze – van meer ingewikkelde onderwerpen wordt niet gemeden.
Onderzoek en behandeling van lage rugklachtenOmdat het fenomeen "lage rugpijn" een enorme impact heeft op zowel mens als maatschappij wordt er wereldwijd veel onderzoek naar gedaan. In hoog tempo volgen wetenschappelijke publicaties elkaar op en zo wordt het verhaal achter het raadsel "lage rugpijn" langzaam maar zeker duidelijk. In dit praktijkgerichte boek wordt de huidige stand van zaken beschreven aan de hand van concrete patiënten casuïstiek.Bij elke casus worden onderzoek, diagnostiek en behandeling beschreven, inclusief praktische oefenprogramma's in de bijlagen. De inhoud van het boek is gebaseerd op actueel wetenschappelijk onderzoek, waarbij rekening wordt gehouden met de huidige nationale en internationale richtlijnen met betrekking tot aspecifieke lage rugklachten. De relevante achtergrondgegevens van iedere patiënt worden vermeld en de tekst is rijk geïllustreerd met educatieve tekeningen en foto's.
Zorgcategorie: Psychiatrische zorgvrager Setting: Algemeen psychiatrisch ziekenhuisKorte inhoud:In deze casus lees je het verhaal van Willem: hoe Willem als kind was en uit welke personen het gezin bestaat waar Willem in opgroeide, het feit dat bij Willem schizofrenie is ontstaan en het verloop van de ziekte. Willem is een aantal keren opgenomen en heeft heel vervelende dingen meegemaakt door zijn ziekte
Voor al het handelen in de tandheelkunde geldt tegenwoordig dat het ‘evidence based’ moet zijn. Helaas is het bewijs voor een bepaalde verrichting slechts zelden waterdicht en daardoor zijn er vaak meer indicaties beschikbaar die dé oplossing van een probleem vormen. De kindertandheelkunde vormt hierop geen uitzondering. Kleine mensjes met soms grote tandheelkundige problemen, vragen om oplossingen die lang niet altijd voor de hand liggen; en waarvoor niet altijd een ‘evidence based’- strategie voorhanden is.Deel 2 van Casuïstiek in de kindertandheelkunde bevat opnieuw 16 uiteenlopende praktijkbeschrijvingen in de volle breedte van dit snelgroeiende vakgebied. Elke casus is uitstekend gedocumenteerd en mondt uit – na de paragrafen ‘Diagnose’ en ‘Indicatiestelling’– in een behandeling gebaseerd op de laatste inzichten. Een casus wordt steeds afgesloten met een korte algemene beschouwing en literatuurverwijzingen.Het boek bevat bondig geschreven teksten en is fraai geïllustreerd met 145 klinische foto’s in full colour en 43 röntgenafbeeldingen. In de behandeling van de casuïstiek ligt de nadruk op de praktische toepasbaarheid van de anamneses en behandelingen, zowel voor de tandarts algemeen practicus als de pedodontoloog (of degene die hiervoor in opleiding is).
Wekelijks schokken de media ons met berichten over de gezondheidszorg: levensbedreigende fouten, hoge kosten, schrijnende gevallen, stakingen, conflicten, financiële problemen en kwaliteitsgebreken. Tegelijk wijst onderzoek uit dat een integraal kwaliteitsbeleid een veelbelovende aanpak is om zorgorganisaties te verbeteren. Voorwaarde hiervoor is een systematische aanpak door gemotiveerde en vakkundige medewerkers en een gedreven management. Deze uitgave laat zien hoe dat gaat en wat de resultaten zijn.Ondernemend in kwaliteit is een weergave van de casus Jellinek, een verslavingszorginstelling die al ruim tien jaar een actief en innovatief kwaliteitsbeleid voert. Uitgangspunt hiervoor was destijds de strategische keuze voor Evidence Based Treatment aangereikt door het Amsterdam Institute for Addiction Research, een keuze die werd toegejuicht vanuit een stakeholdersonderzoek. Als gevolg daarvan startte de Jellinek het Herontwerpproject waarbij het acht zorgtrajecten introduceerde, meer dan veertig behandelprotocollen ontwikkelde en de organisatie hierop aanpaste. De systematische metingen van uitkomsten tonen nog niet helemaal het gewenste resultaat, maar de ingeslagen weg is onomkeerbaar en veelbelovend. De Jellinek heeft inmiddels verschillende prijzen gewonnen zoals INK en Golden Helix en is sinds 1999 ISO- en sinds 2004 HKZ-gecertificeerd. De casus Jellinek is in dit boek in detail beschreven. De auteurs belichten de ups en downs van de laatste vijf jaar zakelijk en met feiten. Aan de hand van meer dan honderd figuren en tabellen geven zij een duidelijk overzicht van de veranderingen en de resultaten. De opbouw van de casestudy is conform de negen criteria van het EFQM Excellence Model. Dit model legt de nadruk op de samenhang tussen het beleid, de processen en de behaalde resultaten en is het referentiekader voor het management.
Over het boek:In heel wat onderwijsvormen hebben leerkrachten te maken met kinderen die psychische en/of somatische problemen hebben. Het is niet altijd eenvoudig om te weten hoe met deze kinderen het beste wordt omgegaan, hoe ze het meeste kunnen worden ondersteund en geholpen.Praktische informatie is dan ook meer dan welkom. Dit boek bevat standaarden voor het werken in de onderwijspraktijk. Ze zijn een verzameling van handreikingen voor het werken in de praktijk met kinderen die ernstige problemen ondervinden. Ze zijn ook uit de praktijk ontstaan. Voor dezelfde problematiek is meestal eenzelfde basisrichtlijn voor het handelen in de klas te geven. Maar daarbij moeten per leerling aanpassingen gemaakt worden.Elk probleemgebied wordt op gelijke wijze beschreven. Eerst is er een casus, zodat de verschijningsvorm duidelijk is. Daarna volgt essentiële informatie, telkens in zeven rubrieken: beschrijving van de stoornis, verzamelen van gegevens, oorzaak en herkenning, didactische commentaren, pedagogische opmerkingen, training en therapie, tips voor thuis. Dan wordt de eigenlijke standaard gepresenteerd, in drie luiken: algemeen, didactisch, pedagogisch.Het resultaat van dit alles moet zijn dat de leerkracht beter kan omgaan met kinderen met een bepaalde stoornis. Zeker de leerkracht in het speciale/buitengewone onderwijs zal veel hebben aan dit boek. Maar ongetwijfeld zijn deze standaarden ook in hoge mate dienstbaar aan leerkrachten in het reguliere onderwijs met speciale onderwijszorg.Over de auteur(s):Drs. Marleen Haxe is als Gz-psycholoog verbonden aan de Ambelt-Herfte te Zwolle. Daarvoor was ze werkzaam in het ZMOK-onderwijs. Kitty Nijboer is groepsleerkracht in het vso (voortgezet secundair onderwijs) op de Ambelt-Herfte. Drs. Harrie Velderman heeft in het basisonderwijs gewerkt en later als groepsleerkracht en als onderwijskundige op de Ambelt-Herfte. Nu is hij als docent verbonden aan het Seminarium voor Orthopedagogiek in Utrecht.
"Dit overzichtelijke hand- en studieboek biedt een leidraad aan verpleegkundigen in de Ouder- en Kindzorg die op systematische wijze willen leren diagnostiseren en effectief interveniëren. In het eerste deel van het boek wordt het theoretisch kader aangeboden. Daarbij geven de auteurs richtlijnen voor het afnemen van de verpleegkundige anamnese en het onderscheiden van interventies, passend bij de zelfzorgtheorie van Orem en bij de functionele gezondheidspatronen van Gordon.In het tweede deel werken de auteurs enkele verpleegkundige diagnosen verder uit aan de hand van bepaalde patiëntencategorieën. daarbij wordt aangegeven welke verpleegkundige interventiemogelijkheden er zijn voor de beschreven diagnose.Daarnaast nemen de auteus een bepaalde verpleegkundige diagnose als uitgangspunt en beschrijven wat de kenmerken, beïnvloedende factoren en interventiemogelijkheden voor deze diagnose zijn. Elk hoofdstuk in het tweede deel eindigt met een casus, waarbij de lezer zicht krijgt op de wijze waarop diagnostiek en interventie in praktijk worden gebracht."
Ars Aequi Procesdossiers zijn primair geschreven om de lezer inzicht te verschaffen in verschillende juridische procedures.Aan de hand van een dossier van een waargebeurde zaak wordt, stap voor stap, uiteengezet hoe een procedure zich in de praktijk ook daadwerkelijk afspeelt.In een Ars Aequi Procesdossier zijn de originele processtukken opgenomen en neemt de begeleidende tekst de lezer mee langs de hoofdlijnen van het geldende recht en brengt op deze wijze lde stof tot levenl.In het onderhavige Arbeidsrecht procesdossier zal worden ingegaan op de diverse inhoudelijke en processuele aspecten van een ontslagzaak.De arbeidsrechtelijke onderwerpen en procedures die voor de basiskennis van het arbeisrecht van belang zijn worden in dit boek behandeld ook wanneer de gekozen casus daar niet direct in voorziet.
Dit boek is opgevat als een witboek dat aan de hand van een 50-tal casussen het belang van de verschillende longfunctietests onderlijnt. De tests die onder de loep genomen worden zijn spirometrie en flow-volumecurve, absolute longvolumes, luchtwegweerstand en specifieke conductantie, en diffusie en diffusie per volume-eenheid. Na een inleiding rond een algemene interpretatiestrategie voor longfunctie-onderzoek, volgt een opeenvolging van casussen. Iedere casus is rijkelijk geïllustreerd en voorzien van referenties naar de relevante literatuur. Deze casussen zijn verzameld in vergaderingen van de diverse Lokale Kwaliteitsgroepen pneumologie. Het boek richt zich dan ook in eerste instantie tot longartsen. Dit boek is evenwel ook uitstekend bruikbaar voor studenten geneeskunde en assistenten in opleiding interne geneeskunde en pneumologie, die hierin een uitstekende inleiding in het longfunctie-onderzoek zullen vinden. Ook paramedici zoals verpleegkundigen en kinesitherapeuten zullen het boek nuttig vinden.Over de auteurs:Marc Decramer is longarts en diensthoofd en hoogleraar Pneumologie aan de K.U.Leuven. Hij is internationaal bekend als expert in functioneel onderzoek. Hij is tevens actief in diverse nationale en internationale verenigingen. Van 1999 tot 2002 was hij hoofdredacteur van de European Respiratory Journal en thans is hij President van de European Respiratory Society.Alain Van Meerhaeghe is longarts en diensthoofd longziekten in het universitair ziekenhuis te Charleroi. Hij heeft specifieke expertise in functioneel onderzoek. Momenteel is hij voorzitter van de Belgische Vereniging voor Pneumologie.René Deman is longarts en diensthoofd longziekten in het AZ Groeninge te Kortrijk. Hij heeft specifieke expertise in longfunctie-onderzoek. Hij is voorzitter van de Belgische Beroepsvereniging van Longartsen.
Dilemma's in de epilepsie is een zesdelige boekenreeks, geschreven voor Nederlandse neurologen, neurochirurgen, radiotherapeuten en andere ge´nteresseerden. De patiÙnt staat centraal. Dit tweede deel gaat over de diagnostiek en behandeling van epilepsie bij patiÙnten met een hersentumor.Aan de hand van vier casus komen diverse diagnostische en therapeutische dilemma's aan de orde. Het verhaal van de patiÙnt wordt afgewisseld met theoretische achtergrondinformatie en medische evidence.
De onderzoeksscriptie ‘Shibboleth aan de poort’ behelst een interdisciplinair onderzoek naar de taalanalyse als middel herkomstbepaling, waarbij de opzet en uitvoering van het onderzoeksinstrument vanuit wetenschappelijke disciplines als de sociolinguïstiek, etnografie, antropologie, Arabische dialectologie en methodologie op validiteit en betrouwbaardheid wordt getoetst. Hierbij is gekozen voor een tweeledige benadering, waarbij de eerste twee hoofdstukken zijn gewijd aan het theoretische kader van de taalanalyse en aan het object van de analyse, zijnde de taal en taligheid. De overige drie hoofdstukken zijn toegespitst op de praktijksituatie waarbij de casus van een Soedanese Arabischtalige asielzoeker met vermeende Nuba-herkomst als uitgangspunt is genomen.Vanuit de observatie dat in de discussie omtrent de wetenschappelijkheid van de taalanalyse de afgelopen jaren van de zijde van rechtshulpverleners kritiek is geleverd op het overmatige gebruik van vakjargon door linguïsten, is in deze onderzoeksscriptie een poging ondernomen om de toegankelijkheid van het onderwerp voor leken te waarborgen door aan de hand van illustraties en voor niet-linguïsten verstaanbare omschrijvingen de vaktermen in kwestie inhoudelijk toe te lichten.Met deze onderzoeksscriptie heeft de auteur willen aantonen dat niet alleen de door de beta- en gamma-studies verrichte onderzoeken een directe bijdrage aan de maatschappij kunnen leveren en dat het onderzoek dat verricht wordt door wetenschappers en studenten in de alfawetenschappen wel degelijk de samenleving kunnen verrijken en bijstaan.
De anesthesiologie is een boeiend specialisme. Anesthesiologen zorgen en doseren, beheersen en regelen. De co÷rdinatie van werkzaamheden op de operatiekamers, de dagbehandeling en de preoperatieve screening maken een steeds groter deel uit van de werkzaamheden van de anesthesioloog. Het boek Anesthesiologie biedt een gedegen basis voor dit veelzijdige vak. Deze herziene en geactualiseerde druk bestaat uit negen delen: operatiekamercomplex, monitoring en apparatuur, tijdens anesthesie gebruikte farmaca, basisprincipes van anesthesie en intraoperatieve problematiek, preoperatieve screening, speciÙle anesthesie, postoperatieve zorg, pijnbestrijding en reanimatie. Ieder hoofdstuk begint met een korte inleiding en bevat ÚÚn of twee casus. De kernpunten worden telkens samengevat aan het eind van de paragraaf. De anesthesioloog zet kennis van fysiologie, farmacologie en anatomie in bij de toepassing van locoregionale en pijnbestrijdingtechnieken en van (non) invasieve ingrepen op de operatie¡kamer en de intensive care. Zijn vakgebied heeft raakvlakken met zowel de beschouwende als de snijdende disciplines. De anesthesiologische preoperatieve voorbereiding, die in samenwerking met deze disciplines plaatsvindt, wordt aan de hand van praktijkvoorbeelden besproken. Ook diverse aandachtsgebieden in de anesthesiologie, zoals de kinderanesthesie, de cardioanesthesie en de neuro-anesthesie, komen aan de orde. Op de operatiekamer is het contact met de patiÙnt vaak van korte duur, terwijl de anesthesioloog op de intensive care en bij de chronische pijnbestrijding een langduriger contact met de patiÙnt heeft. Veel anesthesiologen hebben zich gespecialiseerd in de bestrijding van chronische pijn. De anesthesioloog speelt een cruciale rol bij reanimatiesituaties. Ook op deze onderwerpen wordt ingegaan. Voor wie?Anesthesiologie is bestemd voor studenten geneeskunde, anesthesieverpleegkundigen en -technici en assistenten anesthesiologie en chirurgie. Het boek is geschreven door ve
Strafrecht maakt de lezer op een praktische wijze en in toegankelijke taal vertrouwd met de grondbeginselen van het strafrecht. Het boek is geschreven met het oog op het competentiegerichte onderwijs van het cluster juridisch van het mbo maar het is ook geschikt voor andere opleidingen waarin wordt gezocht naar een heldere inleiding in het strafrecht.Bij het materieel deel van het strafrecht komen onder andere het legaliteitsbeginsel, de opbouw van een strafbepaling, de leerstukken poging en deelneming, de strafuitsluitingsgronden en het stelsel van straffen en maatregelen aan bod. Van het formeel strafrecht worden besproken: de posities van de verdachte en zijn raadsman, van de opsporingsambtenaar, de (hulp)officier van justitie, de rechter-commissaris en de rechter. Ook de vrijheidsbeperkende dwangmiddelen, zoals staande houden, aanhouden, in verzekering stellen en de verschillende vormen van voorlopige hechtenis komen aan de orde. Ter afsluiting van dit deel wordt het onderzoek ter terechtzitting beschreven. De laatste twee hoofdstukken van het boek gaan kort in op de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersgedragingen en de Wet op de economische delicten.Om te stof te verlevendigen zijn veel klassiekers uit de jurisprudentie opgenomen, vanzelfsprekend in een eenvoudige weergave. Deze jurisprudentie maakt meteen duidelijk welke vragen de wetgeving over het strafrecht in de praktijk oproept en hoe dit rechtsgebied zich voortdurend ontwikkelt.Een duidelijke hoofdstukstructuur, met een casus bij wijze van introductie, een inleiding, korte paragrafen, verdiepingsstof in kaders en aan het eind een samenvatting en een overizcht van kernbegrippen, gidsen de cursist door de leerstof. De vragen en opdrachten die aan het eind van ieder hoofdstuk zijn opgenomen, stellen de cursisten in staat om zich de stof op toepassingsniveau eigen te maken.
Hoe geef je zin aan het leven? is een vraag waarmee steeds meer cliënten de therapeutische praktijk binnenstappen. Deze toenemende behoefte aan zingevingstherapie kan te maken hebben met het feit dat materiele en immateriele behoeften in het westen redelijk vervuld zijn en er ondanks deze vervulling geen geluksgevoel is.De therapeut geeft geen antwoorden, ook in dit boek worden geen antwoorden gegeven. Er worden oefeningen aangereikt om clienten te helpen bij hun eigen persoonlijke zoektocht. De oefeningen zijn ingedeeld naar de belangrijkste deelgebieden rondom zingeving: melancholie, relaties, werk en vrije tijd, zelfkennis en expressie, creatie en schoonheid, beweging en ontspanning en wereldbeschouwing. Elk hoofdstuk wordt voorafgegaan door een inleiding en verklaring van de gehanteerde begrippen. Als metafoor en casus is het levensverhaal van Eveline opgenomen omdat levensverhalen centraal staan in zingevingstherapie en metaforen een krachtig hulpmiddel zijn binnen therapie.Zingevingstherapie is een praktisch en verdiepend handboek voor (aanstaande) therapeuten en docenten en voor studenten een inspirerende kennismaking.
In deze bundel zijn 126 samenvattingen in chronologische volgorde opgenomen van arresten en uitspraken die vallen onder het brede terrein van het sociaal recht. Verspreid over drie delen – individueel arbeidsrecht, collectief arbeidsrecht en socialezekerheidsrecht – worden in chronologische volgorde in totaal 126 arresten en uitspraken behandeld. Door de selectie van de arresten en uitspraken wordt u in staat gesteld om kennis te nemen van de naar ons oordeel belangrijkste rechtspraakontwikkelingen binnen het arbeidsrecht en het socialezekerheidsrecht Iedere bespreking bevat een de kern van de casus, de centrale overwegingen en de beslissingen van de betrokken gerechtelijke instanties. Daardoor is direct de juridische kern bij ieder arrest herkenbaar. Achter in het boek zijn voor het gemak drie registers opgenomen: een alfabetisch register, een chronologisch register en een register op leerstuk.De bundel is samengesteld voor hen die, in onderwijs – HBO en WO – en in de praktijk, te maken hebben met het sociaal recht.
Gastro–enterologische competentie hangt nauw samen met de ervaring van de arts met diagnoses en patiëntenpresentaties. Maag–, darm– en leverartsen (mdl–artsen) kunnen eigenlijk pas accurate en differentiële diagnoses stellen nadat zij geconfronteerd zijn geweest met een groot aantal mogelijke ziektebeelden, waaronder ook de zeldzame aandoeningen. Maag–, darm– en leverziekten in beeld confronteert de lezer met vijftig casussen uit de praktijk. Alle segmenten van de tractus digestivus komen aan bod. Ook sporadisch voorkomende infectieuze, inflammatoire en neoplastische aandoeningen worden beschreven. Elke casus is geïllustreerd met intrigerend beeldmateriaal. Dit boek levert zo een onmisbare bijdrage aan de ontwikkeling van de opmerkingsgave van de specialist in opleiding. Doordat de commentaren op de diagnoses zijn gebaseerd op recente gegevens uit de literatuur, vormt Maag–, darm– en leverziekten in beeld bovendien een bron van actuele gastro–enterologische kennis voor iedereen die in dit vakgebied werkzaam is.
Door de didactische opzet van Praktisch Bestuursrecht krijgt de student een helder beeld van de dagelijkse praktijk van het bestuursrecht. Aan de hand van een originele casus, praktijkvoorbeelden, actuele persberichten en overzichtelijke schema's worden bestuursrechtelijke begrippen in hun context uitgelegd. Tussenvragen prikkelen de student om zelf de theorie toe te passen. Hierdoor verkrijgt de student inzicht in de taken en bevoegdheden van bestuursorganen. Ook wordt duidelijk welke bescherming het recht een burger biedt tegen het optreden van het openbaar bestuur.Praktisch Bestuursrecht bevat een groot aantal oefenvragen met voorbeeldantwoorden, begrippenlijsten en een uitgebreid overzicht met relevante websites. Hiermee legt het boek een stevige basis voor de bestuursrechtelijke beroepspraktijk.Praktisch Bestuursrecht is speciaal geschreven voor het hoger juridisch onderwijs. Het boek is echter ook heel geschikt voor andere opleidingen waarin het functioneren van het openbaar bestuur een wezenlijk onderwerp van de studie is.Het boek is geheel geactualiseerd en aangepast aan de laatste ontwikkelingen in de Awb, Wmo en Wro.
Zorgcategorie: Kraamvrouw, pasgeborene Setting: ThuiszorgKorte inhoud:Willemijn Kramers staat als een ervaren kraamverzorgende in het middelpunt in deze casus die gaat over de familie Temmens. De vaardigheden die zij beheerst, zijn divers: huishoudelijke, lichamelijk verzorgende en begeleidende vaardigheden: Willemijn gaat het goed af
In het najaar van 2003 kwam het beroepscompetentieen kwalificatieprofiel van de eerstverantwoordelijk verzorgende (EVV) tot stand. Dit profiel vormt de basis van de eerste branche-erkende opleiding voor verzorgenden, de EVV-opleiding. Als EVV coördineer je de multidisciplinaire zorg van een groep cliënten, en draag je zorg voor de continuïteit van de zorg.Dit Werkboek EVV hoort bij het eerder verschenen studieboek De eerstverantwoordelijk verzorgende - onmisbaar in de zorg dat de theoretische basis biedt voor verzorgenden die werken (of gaan werken) als EVV of zorgcoördinator. Het doel van dit werkboek is verdieping te bieden van de leerstof. Maar vooral ook om een link te leggen naar de beroepspraktijk: Wat verandert er in je werk als je EVV wordt? Welke problemen en dilemma's herken je? Welk rapportagesysteem gebruik je in je eigen werksituatie, en vind je dat dit voldoet? En hoe ga je om met een conflict onder cliënten? Elk hoofdstuk bestaat uit een casus waarin de keuzes en dilemma's van het beroep centraal staan. Op deze wijze leg je als lezer de link tussen de leerstof en het daadwerkelijk oefenen en toepassen van de kerntaken en de hiervoor benodigde competenties.
Zorgcategorie: Chronisch zieken Setting: Thuiszorg Korte inhoud:Met de heer en mevrouw Grant maak je kennis met de thuiszorg. Mevrouw Grant wordt hulpbehoevend en is depressief en de heer Grant heeft last van CARA. De specifieke zorg voor meneer en mevrouw Grant op het gebied van activiteiten, slapen en rusten krijgt in deze casus, met het clusterthema 'levensritme' vooral de aandacht
Zorgcategorie: verplegen van zorgvragers voor en na een chirurgische ingreep.Setting: algemeen ziekenhuis, afdeling interneKorte inhoud:Marije verpleegt een viertal patiënten op de interne afdeling. In deze casus leet de cursist hoe een werkplanning te maken en komen de verschillende zorgvragers aan bod in een leertaak
"In dit boek staat het spanningsveld tussen armoede, sociale uitsluiting en solidariteit centraal. De kernvraag waarop 'Solidariteit in de polder?' antwoord geeft, luidt: Welke inzichten dienen te prevaleren bij de bestrijding van armoede en sociale uitsluiting opdat die bestrijding zowel effectief en efficiënt als solidair is? Het boek bestaat – naast een inleidend en een concluderend hoofdstuk – uit twee delen. In het eerste deel wordt het probleem van armoede, sociale uitsluiting en solidariteit in haar feitelijke Nederlandse gestalte beschreven als een ‘casus’. Het eerste hoofdstuk van dit deel belicht hoe in de beleidssfeer de Nederlandse armoedeproblematiek en het gevoerde beleid doorgaans worden behandeld. Het tweede hoofdstuk beschrijft het maatschappelijk protest, zoals dat onder meer vorm heeft gekregen in de interkerkelijk gedragen Alliantie voor Sociale Rechtvaardigheid, afgekort de Sociale Alliantie. Het derde hoofdstuk besteedt, tot slot, aandacht aan recente ontwikkelingen in het economisch denken over armoede.Het tweede deel biedt een vijftal reflecties op de gepresenteerde casus, tegen de achtergrond van voornoemd pleidooi van de Sociale Alliantie tegen armoede en voor sociale integratie."
Veel leerkrachten krijgen naast het leraarschap een leidinggevende functie of taak in de school, bijvoorbeeld als adjunct-directeur, locatieleider, bouwcoördinator, teamleider of vakcoördinator. Maar leidinggeven op school is een vak apart: ook een goede leraar met veel ervaring moet nieuwe kennis opdoen en vaardigheden ontwikkelen voordat hij zijn leidinggevende taken goed kan uitvoeren.Schakels in de school bespreekt de theorie en de vaardigheden die een leidinggevende in het basisonderwijs nodig heeft. Het boek is specifiek gericht op het middenmanagement in de school. De auteurs behandelen onder andere verschillende vormen van leiderschap, ontwikkelingen in het onderwijs, de school als organisatie, personele, financiële en juridische aspecten, leidinggeven aan collega’s, en kwaliteitszorg.Alle hoofdstukken beginnen met een casus waarop de auteurs terugkomen na bespreking van de theorie. Aan het eind volgen steeds een samenvatting, vragen en opdrachten, tips om verder te lezen en verwijzingen naar de NSA-competenties.Op de bijbehorende website zijn instrumenten te vinden die de lezer kan inzetten om de theorie uit het boek toe te passen in de praktijk. Daarnaast wordt er extra informatie aangeboden.Schakels in de school is bedoeld voor leerkrachten die geïnteresseerd zijn in leidinggevende taken of die al een leiderschapsrol vervullen. Het boek is tevens geschikt voor studenten van de lerarenopleiding die zich, bijvoorbeeld via een minor, voorbereiden op een leidinggevende taak in het basisonderwijs. Jan Wolsing is als kerndocent van Magistrum Managementopleidingen en consultant verbonden aan Fontys Hogescholen en verzorgt opleidingen voor leidinggevenden in het basisonderwijs. Eric Verbiest is een zelfstandig gevestigd adviseur voor schoolontwikkeling.
In de psychiatrie en aangrenzende gebieden – zoals de huisartspraktijk, spoedeisende hulp, verpleeghuis, of verslavingszorg – hebben professionals regelmatig te maken met patiënten die niet behandeld willen worden. Als er daarbij sprake is van wilsonbekwaamheid, gevaar of nadeel voor de patiënt kan (en moet vaak) behandeling opgelegd worden in het kader van de Wet op de geneeskundige behandelingsovereenkomst (Wgbo) of de Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen (Wet bopz). De interpretatie en toepassing van deze wetten kan, zelfs voor degenen die er regelmatig mee werken, de nodige praktische problemen opleveren. De wetteksten zijn zeer uitgebreid en weinig toegankelijk door de vele verwijzingen, subteksten en het juridische taalgebruik. De reeds aanwezige literatuur die de achtergronden en interpretatie van de genoemde wetten belicht, biedt vaak onvoldoende houvast omdat de ruimere klinische context ontbreekt.Met Probleemgeoriënteerd denken in de ggz: juridische dilemma’s beoogt de redactie in deze leemte te voorzien, door aan de hand van aansprekende en klinisch relevante casuïstiek, een overzicht te geven van veel voorkomende vragen en problemen rond de praktische toepassing van de Wet bopz en de Wgbo. Vanuit verschillende invalshoeken wordt ingegaan op de praktische uitvoering van gezondheidsjuridische vraagstukken. In 21 hoofdstukken hebben ervaren clinici uit verschillende instellingen en ziekenhuizen in Nederland op het deelgebied van hun expertise een casus beschreven.Het boek is bedoeld voor psychiaters (in opleiding), huisartsen, SEH-artsen en overige medisch specialisten, coassistenten, psychiatrisch verpleegkundigen en anderen die te maken hebben met gezondheidsjuridische vraagstukken bij onvrijwillige opname en/of behandeling.
Er zijn paren die wel wat hulp kunnen gebruiken. De relatietherapeut of counselor biedt die hulp en dit boek helpt weer de relatietherapeut. Het wordt een handboek genoemd, omdat de belangrijkste therapievormen die bij relatietherapie gebruikt worden aan bod komen. Namelijk: gespreksvoering, creatieve therapie, cognitieve therapie en gedragstherapie. Dit handboek stelt zich eveneens ten doel om praktisch te zijn. Ieder hoofdstuk begint en eindigt dan ook met een casus. De begincasus is steeds een verhaal van Shakespeare. Hij wist als geen ander drijfveren van mensen te doorgronden. Elk hoofdstuk wordt afgesloten met een casus uit de reguliere praktijk. Hierbij komt de theorie tot leven in praktische oefeningen die de lezer direct kan gebruiken.Door de onconventionele invalshoek is dit boek voor (aanstaande) therapeuten en counselors die zich meer willen verdiepen in relatietherapie en voor mediators die meer willen weten over psychologische begeleiding van hun cliënten een bron van inspiratie.
Ars Aequi Procesdossiers zijn primair geschreven om de lezer inzicht te verschaffen in verschillende juridische procedures.Aan de hand van een dossier van een waargebeurde zaak wordt, stap voor stap, uiteengezet hoe een procedure zich in de praktijk ook daadwerkelijk afspeelt.In een Ars Aequi Procesdossier zijn de originele processtukken opgenomen en neemt de begeleidende tekst de lezer mee langs de hoofdlijnen van het geldende recht en brengt op deze wijze lde stof tot levenl.In het onderhavige Huurprocesdossier wordt u door een huurproces geleid aan de hand van zowel een woonruimtecasus als een casus uit het huurrecht voor bedrijfsruimten. Er is in deze derde geheel herziene druk zoveel mogelijk rekening gehouden met de op handen zijnde wetswijzigingen (relevante wetsvoorstellen zijn bijvoorbeeld achter in deze uitgave opgenomen) als ook met het op 1 januari 2002 herziene boek 1 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering en de wet op de rechterlijke organisatie.
AndrÚ Jolles (1874-1946) werd in Nederland geboren en doorliep zijn academische carriÞre in de kunst- en de literatuurwetenschap aan drie Duitse universiteiten. In 1930 verscheen in het Duits zijn belangrijkste werk, Einfache Formen, waarin hij een typologie uitwerkt van orale vertelvormen (legende, sage, mythe, raadsel, spreuk, memorabile, casus, sprookje, grap). Einfache Formen werd door Hans-Georg Gadamer omschreven als een standaardwerk van de wetenschap. Met deze vertaling, verzorgd door zijn biograaf Walter Thys, verschijnt Jolles' bescheiden .magnum opus. voor het eerst in zijn moedertaal.
Als huisarts werkt u samen met collega's, geeft u leiding aan praktijkmedewerkers en hebt u te maken met andere specialisten. In veel gevallen zullen deze complexe processen goed verlopen, maar het samenwerkingsterrein telt vele valkuilen. Misverstanden, communicatieproblemen en onenigheden kunnen de kwaliteit van zorg bedreigen en het werkplezier grondig bederven.Samenwerkingsperikelen in de huisartspraktijk is geschreven om problemen in de samenwerking te voorkomen of op te lossen. Met humor analyseren de auteurs veelvoorkomende problematische situaties edie zich voordoen bij de samenwerking. Ze bespreken in korte casus problemen in de samenwerking tussen huisartsen, bij het leidinggeven aan en het samenwerken met het eigen personeel en bij de samenwerking met andere specialisten. Na elke casus bespreken ze bijpassende theorie, mogelijke oplossingen en overeenkomstige situaties waarin het specifieke probleem in de samenwerking zich kan voordoen. De auteurs vertellen niet hoe het moet, maar reiken hulpmiddelen aan waarmee u zelf aan de slag kunt gaan.Samenwerkingsperikelen in de huisartspraktijk is vooral bedoeld voor huisartsen en aios huisartsgeneeskunde. Andere artsen, doktersassistenten en praktijkondersteuners kunnen er zeker ook hun voordeel mee doen.
Traditionele intervisiemodellen richten hun focus op het probleem. Oplossingsgerichte intervisie is een verandering ten aanzien van de wijze waarop de vraag of de problematiek benaderd wordt. De aandacht is hierbij gericht op het realiseren van het gewenste toekomstbeeld.Oplossingsgerichte intervisie laat aan de hand van een casus en praktijk voorbeelden zien hoe het stappenplan van het reflecting teamintervisiemodel er in de praktijk uitziet. De oefeningen dagen de lezer uit om zijn vraag of problematiek op oplossingsgerichte wijze te benaderen.Reflecting teamintervisie is een model dat het accent legt op effectiviteit van intervisie, door aandacht te besteden aan de concreet meetbare oplossingen. Het reflecting team analyseert daartoe het intervisieproces en geeft feedback aan de intervisiedeelnemers. Op deze wijze kunnen organisaties en opleidingen het model inzetten om resultaatgericht te werken.Het boek is bedoeld voor intervisiebegeleiders, teamcoaches en managers die intervisie in hun organisatie of opleiding willen toepassen. Levi van Dam is gedragswetenschapper en werkzaam als behandelcoördinator bij Zandbergen Jeugd en Opvoedhulp. Daarnaast is hij freelance docent en ondermeer werkzaam voor Pro Education. In samenwerking met de Universiteit Utrecht verricht hij onderzoek naar reflecting team-intervisie.
De 'fiscale werkelijkheid' is voor menig fiscalist een lastig, en soms ongrijpbaar, fenomeen. Het leidt in de wetenschap regelmatig tot discussies over de rechtsvindingtechniek die de rechter heeft gehanteerd (fraus legis, fiscale kwalificatie of interpretatie, simulatie) en de reikwijdte van die technieken.In dit onderzoek wordt de vraag behandeld wat de precieze inhoud is van die technieken en hoe zij zich tot elkaar verhouden. Voor een adequate verklaring en beschrijving is een relatie gelegd met de algemene leer van de rechtsvinding. Deze leer biedt handvatten om de fiscale werkelijkheid inzichtelijk(er) te maken. Er worden drie thema's ('spanningsvelden') onderkend die de materie ordenen en die als verklaring dienen voor de relatie tussen de technieken:de dialectiek tussen feiten en rechtsnormen,de verhouding tussen het fiscale en het civiele recht ende verhouding tussen de beginselen van rechtszekerheid en rechtsgelijkheid.In dit onderzoek wordt geen antwoord gegeven op de vraag wat in een specifieke casus de fiscale werkelijkheid is, maar wel op de vraag hoe de fiscale werkelijkheid kan worden vastgesteld. De spanningsvelden bieden namelijk een framework voor het vaststellen van de fiscale werkelijkheid, voor de betekenis van de technieken en de onderlinge relaties.
Zorgcategorie: Verstandelijk gehandicapte Setting: ThuiszorgKorte inhoud:De casus gaat over Jasmijn de Windt, haar ouders en haar twee zusjes. Jasmijn heeft een verstandelijke handicap en is spastisch. Jasmijn is negen jaar maar functioneert op het niveau van een kind van drie jaar. De ouders willen Jasmijn graag zo lang mogelijk thuis op laten groeien. Met de aanpassingen in huis, hulpmiddelen en de ondersteuning vanuit de Thuiszorg lukt dat aardig. De zusjes van Jasmijn hebben veel begrip voor de situatie, maar zo nu en dan ontstaan er toch spanningen in het gezin. Vooral op momenten waarop zij zich realiseren dat Jasmijn meer aandacht krijgt
Wanneer je als coassistent psychiatrie voor het eerst met de praktijk in aanraking komt is het soms moeilijk de theoretische kennis toe te passen en komen er veel vragen op je af. Hoe neem ik een psychiatrische anamnese op? Welke gesprekstechnieken kan ik toepassen? Wat zijn de meest gebruikte behandelingsvormen? Leidraad psychiatrie slaat een brug tussen theorie en praktijk.Het boek biedt eerst een algemeen beeld van de psychiatrie. Daarna schetst het een duidelijk overzicht van de belangrijkste vaardigheden en mogelijkheden voor diagnostiek en classificatie in de psychiatrie. De meest voorkomende ziektebeelden worden uitgebreid behandeld en verduidelijkt met casus. Verder biedt het boek een differentiaaldiagnose en komen de meest gebruikte behandelingsvormen uitvoerig aan bod. De praktische bruikbaarheid van het boek wordt verhoogd door het gebruik van tabellen, beslisbomen, een verklarende woordenlijst en een volledige en verkorte status mentalis.Leidraad psychiatrie is samengesteld door vier enthousiaste artsen in opleiding tot psychiater. Zij beschrijven het vakgebied helder en praktisch. Het boek is onderdeel van de Leidraad-reeks: een reeks handzame en praktische boekjes voor coassistenten en artsen in opleiding. Elke deel behandelt een bepaald specialisme of coschap.
Projectmanagement volgens PRINCE2 geeft een algemene inleiding op het vakgebied projectmanagement, waarbij PRINCE2, een standaardmethode voor projectmanagement, centraal staat. De vele praktijkvoorbeelden en opdrachten maken dit boek tot een waardevol hulpmiddel voor eenieder die zich voorbereidt op het APMG-examen PRINCE2 Foundation.De PRINCE2-methode is in 2009 zodanig gewijzigd dat een nieuwe editie van dit boek noodzakelijk was. Deze derde editie bevat daarom een grotendeels herschreven tekst. Daarnaast is er een nieuwe hoofdstukindeling en wordt een nieuwe doorlopende casus geïntroduceerd, waarin een volledig project uitgewerkt wordt.Voor Projectmanagement volgens PRINCE2 is geen specifieke voorkennis vereist. Het boek is in eerste instantie bedoeld voor gebruik in het hoger onderwijs. Daarnaast is het goed bruikbaar voor iedereen die meer wil weten over projectmanagement en PRINCE2.Over de auteursPeter Janssen is directeur van het IT-opleidingsinstituut CVA (Centrum voor Automatisering) Informatica Opleidingen en heeft veel ervaring opgedaan met het ontwikkelen van lesmateriaal over uiteenlopende onderwerpen, zoals het beheren van informatiesystemen, systeemontwikkeling en het leiden van IT-projecten. Jean-Pierre Van Craen is sinds 2002 zelfstandig consultant en oprichter van ARQuest, een bureau gespecialiseerd in IT-servicemanagement en projectmanagement. Hij heeft ruim twintig jaar ervaring als consultant en docent. Hij is geaccrediteerd trainer op het gebied van PRINCE2, ITIL en ISO/IEC 20000 en ontwikkelt ook gecertificeerd trainingsmateriaal.
Aan vernieuwingspogingen is in het onderwijs de laatste jaren geen gebrek, in tegendeel. De klacht is niet dat er in het onderwijs niets verandert, maar dat de veranderingen elkaar te snel opvolgen. De ene vernieuwing is nog maar nauwelijks tot een goed einde gebracht of de volgende klopt al aan de deur. Op veel plaatsen in het onderwijs is 1 wens zeer populair: mag het eens een paar jaar gewoon hetzelfde blijven. Maar jammer of niet, onderwijsvernieuwing valt niet tegen te houden, ook al verzetten medewerkers zich ertegen. Tegelijkertijd blijkt onderwijsvernieuwing niet zo eenvoudig te zijn als wel eens wordt gedacht. Het overstappen op een nieuwe onderwijsvorm mag vernieuwend lijken, maar is dat niet of nauwelijks. Docenten een training zelfstandig leren of een studiedag competentiegericht onderwijs aanbieden, leidt niet tot ander onderwijs, daar is beduidend meer voor nodig. Invoeren van de informatie– en communicatietechnologie levert geen onderwijsvernieuwing op. Wanneer dan wel? Daarover gaat het boek Morgen doen we het beter: wat houdt onderwijsvernieuwing in, hoe wordt het georganiseerd en uitgevoerd, wie doen eraan mee en wat zijn belangrijke onderdelen ervan. De auteursopbrengsten van het boek gaan naar een project in Zuid Afrika. InhoudWoord vooraf Onderwijsvernieuwing: een casus en een analyse Onderwijsvernieuwing: wat doen we morgen beter? Onderwijsvernieuwing: projectmatig werken Docenten vernieuwen het onderwijs De zes documenten voor onderwijsvernieuwing Het beroepsprofiel en het competentieprofiel Het opleidingsmodel Het leerplanschema De studiehandleiding Het invoeringsplan, zeven partners over het invoeren van vernieuwing Een kreupel elftal: dubieuze argumenten om onderwijsvernieuwing te vertragen Werkmateriaal: voorbeelden van documenten, werkmodelle
Het stellen van een diagnose volgt een patroon dat precies het tegendeel is van de medische opleiding. Voor het gemak van de didactiek wordt een 'papieren' patiënt in het onderwijs immers meestal direct gekoppeld aan een aandoening, zodat het onderwijs zich kan beperken tot pathogenese of therapeutische interventiemogelijkheden. Maar de praktijk is natuurlijk 180 graden gedraaid. Voor de (jonge) dokter zit een patiënt met klachten en de vraag is primair wat hij/zij mankeert. Het probleemgeöriënteerd leren denken is daarom volstrekt noodzakelijk. Het medisch curriculum vereist zo'n insteek ook al vele jaren. Maar het merkwaardige is dat er nog nauwelijks probleemgeoriënteerde literatuur voor handen is. Dit boek wil een basis bieden voor het aanleren en aanscherpen van het probleemgeoriënteerd denken in de kindergeneeskunde. Aan de hand van 43 casus wordt de lezer 'gedwongen' zich het klinische redeneren eigen te maken. Het boek opent met een inleidend hoofdstuk Klinisch denken, kunst of kunde? van prof. dr. H.S.A. Heymans. Het boek is heel verhelderend voor medische studenten, arts-assistenten en (thematisch opgeleide) artsen.