Sticker skin voor DSi XL Hondjes in mandjeSticker voor uw Nintendo DSi XL console met afbeeldingen van hondjes in mandje.U krijgt bij elk design 4 stickers, zodat er aan alle kanten wat te zien is.Het zijn unieke ontwerpen, die er voor zorgen dat de toetsen, controlers en poorten gewoon bereikbaar blijven, zonder dat u de sticker hoeft te verwijderen.Ook voor het gedeelte van de speakers is een kleine uitsparing.De stickers beschermen uw kostbare DSi XL tegen krassen en stof.
Creatieve therapie is een positieve en inspirerende manier om problemen te lijf te gaan. Dit boek geeft bruikbare handvatten aan (potentiële) therapeuten en docenten die praktisch aan de slag willen met creatieve therapie. Na een uitgebreide inleiding met theoretische kader volgt de praktische inhoud van creatieve therapie. Meer dan 50 oefeningen worden gegeven uit voornamelijk de dramatherapie, de beeldende therapie en het werken met taal. Deze praktische oefeningen zijn direct na te volgen. De bijbehorende verhalende casus werkt als metafoor en als illustratie van de oefeningen. Het psychedelisch verhaal voert Ally ten tonele. Zij kampt met identitiets- en relatieproblemen en daalt af in de atelierkelders van Parijs. Marieke Nijmanting is afgestudeerd als econoom en psycholoog en heeft gewerkt als hypnotherapeut. Zij schrijft verhalende kinderboeken en non-fictie voor therapeuten. Zij schildert en is ook docent psychosociale therapie. Eerder verscheen van haar het kinderboek Mokwa en het Handboek kindercounseling. In voorbereiding: Tante Fred, over liefde, geheimen en vliegende geiten in de serie InZicht.
Een boek vol kleine hondjes en katjes om zelf te haken. Minihondjes die mooi zitten, samen spelen of een pootje optillen…. Minikatjes die een muis vangen, in hun mandje slapen of lekker zitten te spinnen.Voor iedereen is er wel een favoriet hondje of katje. Met de vrolijke foto’s en duidelijke beschrijvingen en tekeningen kan iedere haakster meteen aan de slag.
Pluche knuffel hondjes 5 stuks. 5 stuks verschillende pluche hondjes. Het formaat van deze knuffel hondjes is ongeveer 12 cm. De pluche hondjes zijn ook in grote aantallen te bestellen.
Picknick mandje. Klein picknick mandje die je kunt gebruiken als handtasje. De mand is gevlochten en is bekleed met een rood wit geblokte stof. Het rieten mandje heeft geen inhoud maar is perfect te combineren bij uw verkleed kostuum.
Een boek vol kleine hondjes en katjes om zelf te haken. Minihondjes die mooi zitten, samen spelen of een pootje optillen…. Minikatjes die een muis vangen, in hun mandje slapen of lekker zitten te spinnen.Voor iedereen is er wel een favoriet hondje of katje. Met de vrolijke foto’s en duidelijke beschrijvingen en tekeningen kan iedere haakster meteen aan de slag.
Een boek vol kleine hondjes en katjes om zelf te haken. Minihondjes die mooi zitten, samen spelen of een pootje optillen…. Minikatjes die een muis vangen, in hun mandje slapen of lekker zitten te spinnen.Voor iedereen is er wel een favoriet hondje of katje. Met de vrolijke foto’s en duidelijke beschrijvingen en tekeningen kan iedere haakster meteen aan de slag.
Voor als u precies wilt weten hoe het zit met de grammaticaregels van een vreemde taal. De uitleg is helder en de vele voorbeelden zorgen voor een duidelijke illustratie van de behandelde grammaticale verschijnselen. De Prisma grammatica's zijn inmiddels een begrip. Onmisbaar voor taalstudenten of cursisten en voor iedereen die de regels van het Spaans perfect wil toepassen. Wat is het verschil tussen ‘La gente pobre’ en ‘La pobre gente’? Wanneer zeg je ‘Estas camisas son limpias’ en wanneer ‘Estas camisas están limpias’? Gebruik je wel of geen subjuntivo in: ‘ik ben blij dat je er bent’. Zomaar enkele vragen waarop Prisma Grammatica Spaans een antwoord geeft; duidelijk uitgelegd en toegelicht met voorbeelden. De Prisma Grammatica Spaans is een ideaal naslagwerk voor wie snel een taalkundig probleem wil oplossen. De overzichtelijke indeling, het uitgebreide register en de ruime lay-out vergemakkelijken het opzoeken. Het boek is goed te gebruiken als studieboek voor zowel de beginnende als de gevorderde student. Waar nodig wordt aandacht besteed aan varianten van het Spaans van Latijns-Amerika.
Voor als u precies wilt weten hoe het zit met de grammaticaregels van een vreemde taal. De uitleg is helder en de vele voorbeelden zorgen voor een duidelijke illustratie van de behandelde grammaticale verschijnselen. De Prisma grammatica's zijn inmiddels een begrip. Onmisbaar voor taalstudenten of cursisten en voor iedereen die de regels van het Engels correct wil toepassen. Wanneer gebruik je 'shall' en wanneer 'will'? Wat is het verschil tussen 'any' en 'some'? Dit zijn twee voorbeelden van vragen waarop de Prisma Grammatica Engels antwoord geeft; duidelijk uitgelegd en toegelicht met sprekende voorbeelden. Een ideaal naslagwerk voor wie snel een taalkundig probleem wil oplossen. Het is echter ook goed te gebruiken als cursusboek voor wie de Engelse grammatica onder de knie wil krijgen of zijn kennis wil opfrissen. Veel aandacht wordt besteed aan de spreektaal.
Voor als u precies wilt weten hoe het zit met de grammaticaregels van het Nederlands. De uitleg is helder en de vele voorbeelden zorgen voor een duidelijke illustratie van de behandelde grammaticale verschijnselen.De Prisma grammatica's zijn inmiddels een begrip. Onmisbaar voor taalstudenten en voor iedereen die de regels van het Nederlands correct wil toepassen. Wat is een bijvoeglijk naamwoord? Welke woordsoorten zijn er? Wat is een goede woordvolgorde? Hoe zit dat nou precies met de d’s en de t’s in werkwoorden? Waar zet je precies een komma? Welke woorden schrijf je aan elkaar en wanneer gebruik je een verbindingsstreepje? Dit is zomaar een greep uit de vele vragen die mensen stellen en waarop deze grammatica het antwoord geeft.De Prisma Grammatica Nederlands is een ideaal naslagwerk voor wie snel een taalkundig probleem wil oplossen of, bij het leren van een vreemde taal, stuit op onbekende grammaticale begrippen. Deze grammatica is ook goed te gebruiken als cursusboek.Henriëtte Houët is trainer-adviseur schriftelijke bedrijfscommunicatie bij Vergouwen Overduin bv te Badhoevedorp.
Wie gedichten leest, komt vaak rare woorden tegen. Ambrosia, wat vloeit mij aan? uw schedelveld is koeler maan. De dichters kunnen het mooi zeggen, maar wat betekent het? De roosvingerige dageraad: heeft een roos vingers, kan een vinger er als een roos uitzien? Wat is een vek die blaft? En hoe zou het schrift eruitzien van iemand die ossekerelingsgewijze wil schrijven?Rare woorden genoeg. Al lang geleden begon Guus Middag ze te noteren en van een quasi officiële woordenboekomschrijving te voorzien. Zelfverzonnen, exotische en onbegrijpelijke woorden, van bereshit tot bwa-pl en van manebril tot zeeajuin. Achter al die rare woorden gaat een raar verhaal schuil, zo bleek, toen Middag ernaar op zoek ging. Soms is het een bizarre geschiedenis, soms een krankzinnige taalkundige afleiding, soms een drukfout. Nog altijd noteert Middag rare woorden en nog altijd koestert hij de kinderlijke droom dat hij op den duur alle afwijkende woorden van de hele wereld geïnventariseerd zal hebben. Nu heeft hij toch maar alvast vijftig van die woorden met hun geschiedenissen verzameld in dit Rarewoordenboek. Het is Middag op zijn best: puntig, precies en geestig. Alle rare woorden zijn voorzien van een speciaal voor deze gelegenheid gemaakte typografische illustratie, door studenten van de Haagse Academie voor Beeldende Kunst.
In dit boek staat de woon- of verblijfsomgeving of opvangsituatie centraal: hoe voert een helpende de huishoudelijke taken uit om de cliënt optimaal te helpen en te ondersteunen. De dagelijkse woon- of verblijfsomgeving is voor alle cliënten erg belangrijk. Zij moeten zich er thuis voelen, het moet schoon en netjes zijn en bovenal een gezellige sfeer uitstralen. De meeste instellingen hebben richtlijnen voor schoonmaakwerkzaamheden, textiel- en wasverzorging en de maaltijdverzorging. In dit boek worden richtlijnen ter illustratie gebruikt die van een instelling afkomstig zijn. De helpende zal in de praktijk altijd de richtlijnen van de eigen instelling of organisatie gebruiken.
Vanaf haar middelbare schooltijd is Hannie Halma gefascineerd door Egypte. Onderzoek naar de mogelijkheden voor een kinderboek bracht haar naar de Sinaï woestijn, waar ze bij een bedoeïenenfamilie woonde die van wadi naar wadi trok. Grootmoeder Subheya is er de baas: zíj bepaalt wanneer ze verder trekken, wie naar de bron gaat om water te halen en welke kinderen met de kudde de bergen intrekken. Ze smijt met een handvol stenen als er niet wordt geluisterd en haar kennis van geneeskrachtige planten is indrukwekkend. Als haar gevoelige handen genezingsrituelen uitvoeren, prevelen haar lippen geheimzinnige spreuken. Eeuwenoude tradities leven voort…Het boek bevat prachtige kleurenfoto's die een mooi beeld geven bij het verhaal.
Dit boek is geschreven om studenten en andere belangstellenden indringend te laten kennismaken met de grote leerstukken van het Europese recht. Het is geen naslagwerk, het streeft niet naar volledigheid of uitputtende kennis, maar wel naar kennis van hoofdzaken, naar inzicht en belangstelling. Europees recht is een geweldig interessant en belangrijk rechtsgebied dat zich onstuimig ontwikkelt. Op het eerste gezicht wordt het een alleen maar groter en ingewikkelder. Bij nader inzien vindt men grote elementen van eenvoud zoals de algemene leerstukken. Dit boek benut de context van dit recht en zijn evolutie voor zover die het overzicht en het inzicht helpen. Het problematiseert zijn onderwerpen om belangstelling te wekken en te voeden.De door lezers gewaardeerde leesbaarheid en studeerbaarheid van dit boek zijn in de derde druk verder bevorderd, door illustratie uit de rechtspraktijk, de bestuurspraktijk en de politieke praktijk waarin het recht zich ontwikkelt en door rechtsvergelijking.Het Algemeen Deel is naar aanleiding van de inwerkingtreding van het Verdrag van Lissabon geheel herschreven. Maar zijn karakter is gelijk gebleven. Specialisten hebben een aantal hoofdstukken geschreven, maar het boek is in zijn geheel vanuit een generalistische optiek geredigeerd, met oog voor de verbindingen tussen institutioneel en materieel recht.
Voor als u precies wilt weten hoe het zit met de grammaticaregels van een vreemde taal. De uitleg is helder en de vele voorbeelden zorgen voor een duidelijke illustratie van de behandelde grammaticale verschijnselen. De Prisma grammatica's zijn inmiddels een begrip. Onmisbaar voor taalstudenten of cursisten en voor iedereen die de regels van het Latijn wil kunnen begrijpen. Zij biedt dan ook meer dan de meeste grammaticale overzichten. In de vorm van Informatievelden komen tevens onderwerpen ter sprake die een dieper inzicht geven in bepaalde aspecten van het Latijn en van taal in het algemeen. De Prisma Grammatica Latijn is tevens een prima cursusboek voor: scholieren, taalstudenten, historici, theologen, musici, juristen, schrijvers, en vooral het niet te onderschatten aantal liefhebbers dat soms op latere leeftijd alsnog Latijn wil leren: Satius est sero nunquam discere (Het is beter iets laat dan nooit te leren)!
Scholen zijn veelal goed functionerende instellingen. Tienduizenden leerlingen en leerkrachten realiseren samen dagelijks boeiende leerprocessen. Deze unieke leerbedrijvigheid wordt vaak doorkruist door uiteenlopende vormen van probleemgedrag, zoals pesten, agressie, maar ook naar binnen gekeerd probleemgedrag zoals automutilatie, anorexie en zelfmoordneigingen.Hier duikt ‘preventie’ op; beter voorkomen dan genezen. In dit kader kan het boek gesitueerd worden.Na een schets van probleemgedrag in het onderwijs wordt dieper ingegaan op de achtergronden en cijfers. Vervolgens wordt het model van de preventiepiramide beschreven. Het is een model voor integrale preventie dat orde schept in het complexe preventielandschap en dat bijdraagt tot de ontwikkeling van een positief preventiebeleid op school. De preventiepiramide is een instrument dat door criminologisch onderzoek stevig onderbouwd is en een brede spreiding kent in diverse preventiedomeinen. Een lange reeks concrete preventiemaatregelen wordt kort beschreven en gesitueerd binnen de piramide. Het boek vormt in die zin een unieke combinatie van een transparant en goed werkbaar kader zoals de praktijk dit uitwijst, tegen een stevige theoretische achtergrond enerzijds en een rijke illustratie aan voorbeelden anderzijds. Deze voorbeelden nodigen de lezer uit creatief aan de slag te gaan rond preventie op school.JOHAN DEKLERCK is doctor in de criminologische wetenschappen en verbonden aan het Leuvens Instituut voor Criminologie, K.U.Leuven.Hij bouwde een expertise op rond fundamentele criminologische theorievorming, preventie en veilig- heid, jeugddelinquentie, restorative justice, bemiddeling, herstel na ernstige misdrijven en probleem- gedrag en onderwijs. Daarnaast is hij verbonden aan de ‘Master Européen en Médiation’, Institut UniversitaireK. Boesch, Sion, Zwitserland, en de Master en Médiation, Université du Luxembourg.KEES VAN OVERVELD is coördinator van het Expertisecentrum Gedrag van het Seminarium voor Ortho- pedagogiek (Hogeschool
Globalisering wordt meestal gelinkt aan economie, klimaat, armoedebestrijding en dergelijke. Of en in welke mate de globalisering het onderwijs raakt, is veel minder duidelijk en de literatuur daarover is dan ook zeer divers. Men ziet wel allerlei tendensen, maar het overzicht is daarbij vaak zoek. In dit boek wordt getracht de globaliserende tendensen voor het onderwijs op een meer systematische wijze in kaart te brengen. Dat gebeurt door ze te ordenen in vier lagen van globalisering. De eerste laag richt zich op de wereld als beïnvloedende factor. Dit is de globaliseringsimpact op het onderwijs in de strikte betekenis van globalisering van het onderwijs. De tweede laag bekijkt de invloeden op het niveau van wat vaak beschavingen worden genoemd, zoals, de westerse, de Arabisch-islamitische, de Chinese, de Indiase. De derde laag is de transnationale, waarbij in dit boek uitvoerig ingegaan wordt op de impact van de Europese Unie op het onderwijs van de afzonderlijke staten. Op de vierde plaats komt de dichtst bij zijnde laag, de natiestaat aan bod. Het gaat er dan om hoe een natiestaat reageert op de internationaliserende invloeden van de geschetste lagen.Naast een beschrijving van deze vier lagen komen nog drie thematische hoofdstukken aan bod in verband met globalisering en internationalisering. Vorming tot wereldburgerschap, ook wel mondiale vorming geheten, is er een van. Verder wordt ook ingegaan op het opvangen en onderwijzen van allochtonen in een onderwijssysteem, vooral toegespitst op de casus Vlaanderen. Ten slotte wordt ook aandacht besteed aan de ontwikkelingssamenwerking op het gebied van onderwijs. Ook hier gelden België en Vlaanderen als illustratie.
De relativiteitstheorie, Schrodingers kat en de wetten van Newton? De oerknal, de kwantumtheorie en global warming? Waarschijnlijk doen deze namen en theorieÙn ergens een belletje rinkelen. Maar weet je er genoeg over om op een feestje je gezelschap te verbluffen met je kennis?Wetenschap in 30 seconden legt je de vijftig mijlpalen uit de geschiedenis van de wetenschap uit in minder dan een halve minuut. Twee pagina's, 300 woorden en ÚÚn illustratie: meer heeft dit boek niet nodig om de meest complexe theorieÙn te doorgronden.
In dit boek wordt een beknopt raamwerk van het goederenrecht gepresenteerd, toegesneden op een universitaire studie in een gecomprimeerd tijdsbestek. Het beoogt inzicht te verschaffen in de grondbeginselen, die op dit, veelal als moeilijk en abstract ervaren, rechtsgebied werkzaam zijn. Door het geven van vele voorbeelden is getracht de abstractiegraad zoveel mogelijk terug te dringen. Het onderscheid tussen het primaire en de uitweiding of illustratie komt tot uiting door een verschil in lettergrootte.De auteur is 35 jaar verbonden geweest aan de Juridische Faculteit te Utrecht. Naast het doceren van andere vakken en intensieve contacten met de rechtspraktijk, verzorgde hij gedurende meer dan 30 jaar de colleges Goederenrecht. Op dit vakgebied verschenen meerdere boeken en artikelen van zijn hand. Hij promoveerde op een dissertatie over het retentierecht
De bijna onbekende geschiedenis van het kamp Schoorl: Nederlands legerkamp, Duits interneringskamp, concentratiekamp - Polizeiliches Durchgangslager van de beruchte Sicherheitsdienst, Wehrmachtkamp, daarna Bewaringskamp voor het opsluiten van NSB-ers en collaborateurs na het einde van de Tweede Wereldoorlog en daarna weer Nederlands legerkamp is nu voor het eerst gedetailleerd beschreven. Henk ten Berge schreef een inleiding voor deze derde druk en Wil de Bie maakte een illustratie voor het omslag. In dit boek worden de belevenissen van de gevangenen, vaak in hun eigen woorden, weergegeven van o.a. 740 joodse gevangenen (razzia's van februari en juni 1941 ) die van Schoorl naar Buchenwald en Mauthausen getransporteerd werden. Slechts 2 mannen hebben die kampen overleefd. Voorts waren er bijna 100 KLM'ers, geallieerde gevangenen, 176 Sommelsdijkse gijzelaars en ongeveer 700 politieke gevangenen. Het boek is gebaseerd op 110 interviews, daardoor leest het met ongewone spanning.Schoorl was het begin van een lange lijdensweg voor velen van de 1900 gevangenen, meer dan 1000 van hen, voornamelijk joodse en politieke gevangenen, zijn daarvan niet teruggekeerd.Albert Boer, auteur van Het Kamp Schoorl, werd in 1935 in Beverwijk geboren en werd tegen het einde van de Tweede Wereldoorlog geëvacueerd met zijn familie naar een boerderij in Bergen aan de rand van het militaire vliegveld.Boer begon een veelzijdige carrière als (leerling-) gasfitter, daarna als straathoekwerker op Kattenburg. Hij kreeg een beurs van de Rotary Club om in de Verenigde Staten te studeren. Als maatschappelijk werker, later directeur van buurthuizen en culturele centra werkte hij in Detroit en Boston. Als parttime adjunct-professor doceerde hij voor de Wayne State Universiteit in Detroit en de Universiteit van Boston. Na dertig jaar in de Verenigde Staten kwam hij terug naar Nederland. Als beeldend kunstenaar werkte hij voor bronsgieterij De Hooischuur in Alkmaar. Boer schreef eerder een boek over de eerste buurthuizen in Amerika, ook een
Persoonlijk en genuanceerd: dat zijn de romans van de Italiaanse schrijfster Natalia Ginzburg (1916-1991), en dat is ook haar portret over de door haar bewonderde Anton Tsjechov. In deze monografie brengt ze Tsjechovs leven eenvoudig en onopgesmukt in kaart. Ze vertelt over zijn verhouding tot zijn driftige vader, drankzuchtige broers en jaloerse zuster; over zijn vriendschappen met intellectuelen en schrijvers als Soevorin, Tolstoj, Gorki en over zijn geliefde Olga Knipper, maar ook over Rusland, armoede, grote families, roodschrijven.Daarnaast ontstaat een fraai beeld van Tsjechovs werk (de onvergetelijke hondjes in zijn verhalen, de talloze kinderen, de norse mannen) en de ontvangst ervan - inclusief het hoongelach bij de première van De meeuw. Waar mogelijk laat Ginzburg Tsjechov zelf aan het woord. Zoals in de volgende passage uit een brief van Tsjechov aan Gorki: 'Uiteindelijk wordt het leven steeds ingewikkelder, en neemt zijn eigen beloop, waarheen weet men niet, en de mensen worden steeds dommer en houden zich steeds meer afzijdig, in de kantlijn van het bestaan.'Tsjechov. Een schrijversleven is een helder en toegankelijk portret van Ruslands grootste verhalenschrijver, voor iedereen die Tsjechovs werk kent - of wil leren kennen.
Voor als u precies wilt weten hoe het zit met de grammaticaregels van het Frans. De uitleg is helder en de vele voorbeelden zorgen voor een duidelijke illustratie van de behandelde grammaticale verschijnselen. Onmisbaar voor taalstudenten of cursisten en voor iedereen die de regels van het Frans correct wil toepassen. De Prisma grammatica's zijn inmiddels een begrip. Deze Prisma Grammatica Frans heeft in de loop van tientallen jaren haar bruikbaarheid bewezen. Het boek is een ideaal naslagwerk voor wie snel een taalkundig probleem wil oplossen. Het is ook zeer goed te gebruiken als cursusboek door degene die zijn of haar oude kennis wil opfrissen: de tekst biedt méér dan een spraakkunst voor gewoon schoolgebruik.
In dit boek wordt een overzicht gegeven van stoornissen in de taalverwerking die kunnen optreden na hersenletsel. Er wordt aangegeven hoe men dergelijke stoornissen kan diagnostiseren en behandelen. Ter illustratie worden internationaal gepubliceerde casestudies op het gebied van afasietherapie besproken.Het boek is bedoeld voor logopodisten, klinisch linguïsten en neuropsychologen
Hoe slim techniek in elkaar steekt, snap je pas als je er een tekening van ziet. Dit boek bevat een keur aan technische illustraties waarvan de meeste eerder verschenen in het tijdschrift "De Ingenieur". De aantrekkelijke illustraties maken de techniek om ons heen tastbaar, begrijpelijk en leuk. Je ziet in ÚÚn oogopslag hoe dingen werken, hoe een bouwproject verloopt, hoe een mechanische constructie in elkaar zit of hoe een biologisch proces werkt.U treft prachtige doorsneden van nieuwe vervoermiddelen als de zonneboot, de zweeftrein, de superbus en een modern marinefregat. Ook ziet u grote infrastructurele projecten zoals de Noord-Zuidlijn, de Maeslantkering en het viaduct bij Millau. Tot slot treft u tekeningen die natuurverschijnselen verklaren. Zo ziet u hoe een tsunami ontstaat, hoe neutronen met lichtsnelheid op elkaar botsen en hoe een vulkaan Amerika bedreigt. Elke illustratie is voor iedereen te begrijpen. Ook zonder technische voorkennis valt er voor jong en oud veel te ontdekken. Geen lange teksten lezen, maar lekker bladeren en kijken.
Prikkelende nieuwe opstellen van een groot romancier en essayist.Essays over literatuur, beeldende kunst en muziek.Een 'ontmoeting van mijn overpeinzingen en mijn herinneringen; van mijn oude (existentiÙle en esthetische) thema's en mijn oude liefdes (Rabelais, JanßcYek, Fellini, Malaparte.).' In die bescheiden termen omschrijft Milan Kundera zijn vierde verzameling essays, eenvoudigweg, Een ontmoeting geheten. Kon Kundera's vorige essay, Het doek, worden gelezen als zijn literaire testament, Een ontmoeting is de illustratie daarvan. Waar, Het doek een visionaire situatieschets geeft, gaat Een ontmoeting in op concrete voorbeelden uit literatuur, schilderkunst en muziek.Naast indrukwekkende essays over de schilder Francis Bacon, de schrijver Anatole France en de componist JanßcYek bevat het boek ook een reeks kortere stukken: over de romankunst als leverancier van existentiÙle inzichten, over vrijwillige emigratie, over het nakende einde van de Europese moderniteit. Het boek besluit met een fundamenteel essay over De huid van de verguisde romancier Malaparte, een roman die het 'eilandje in de tijd waarop wij leven' een spiegel voorhoudt: de doden lachen ons uit.Over de auteurMilan Kundera (Bohemen, 1929) wordt beschouwd als een van de belangrijkste hedendaagse schrijvers. Sinds 1975 woont hij in Frankrijk; zijn laatste drie romans, Onwetendheid, De traagheid en Identiteit, schreef hij oorspronkelijk in het Frans. Eerder verschenen de essays Verraden testamenten, De kunst van de roman en Het doek.
In Dermatovenereologie voor de eerste lijn wordt een uitgebreid en goed toegankelijk overzicht gegeven van de dermatologie en venereologie. Op basis van deze uitgave kan iedere medicus aan de hand van morfologische en topografische kenmerken van een aandoening op de huid en de aangrenzende slijmvliezen snel een differentiÙle diagnose stellen en zich een indruk vormen van de therapeutische mogelijkheden. Bij het bespreken van de aandoening komen achtereenvolgens het klinisch beeld, het voorkomen, de pathofysiologie, de diagnostiek, de behandeling en eventueel het beloop en het moment van verwijzen aan de orde. Naast hoofdstukken over bijzondere aandachtsgebieden zoals psychodermatologie en fotodermatologie is er speciale aanacht voor dermatosen die voorkomen bij mensen in een bepaalde levensfase, zoals zwangere vrouwen, ouderen en kinderen. In deze achtste, geheel herziene druk van Dermatovenereologie voor de eerste lijn zijn vele nieuwe ontwikkelingen en inzichten opgenomen en is aandacht besteed aan het actualiseren van de referenties. Alle hoofdstukken zijn vernieuwd en geactualiseerd en er is een nieuw hoofdstuk over cosmetische dermatologie toegevoegd. De bijgevoegde cd-rom met fotomateriaal is niet alleen bedoeld ter illustratie van het boek, maar is tevens een uitstekend midden ziektebeelden nog beter te duiden. Bovendien vullen de teksten in het boek en op de cd-rom elkaar aan, waardoor zowel het boek als de cd-rom zich zeer goed lenen voor zelfstudie. Het uitgebreide register maakt het boek bij uitstek geschikt als naslagwerk.
Tot nu toe wordt in geen enkel kinderboek de overledene gecremeerd. Dat maakt het voor veel mensen lastig om aan kinderen uit te leggen wat cremeren is. In dit prentenboek wordt cremeren uitgelegd aan de hand van de dood van de papa van Julia en Stijn. Ook de verschillende reacties van de twee kinderen komen aan bod. Met enige creativiteit kan bij het voorlezen de naam van papa veranderd worden in een opa of oom.Het voorleesverhaal is geschikt voor kinderen van ongeveer driet tot acht jaar. Volwassenen kunnen met behulp van dit prentenboek rouwende kinderen steunen in hun verdriet.
Middeleeuwse handschriften – met de hand geschreven, versierde en ge ustreerde boeken - blijven fascineren. Hun inhoud, zowel tekst als beeld, biedt een venster met uitzicht op ons verleden.Ook de bestudering van de uiterlijke vorm van het boek brengt ons dichter bij de middeleeuwse makers en gebruikers.De Koninklijke Bibliotheek in Den Haag bezit een van de grootste en belangrijkste verzamelingen middeleeuwse handschriften in Europa.Daaronder bevinden zich vele topstukken uit de geschiedenis van de middeleeuwse literatuur en boekschilderkunst.Ruim 33 jaar lang was dr. Anne S. Korteweg conservator van deze collectie. Opgeleid als kunsthistoricus, ontwikkelde zij zich ook tot boekhistoricus en werd zij een nationaal en internationaal gewaardeerd kenner van het gedecoreerde en ge ustreerde boek uit de Middeleeuwen.Als dank voor haar voortreffelijke werk en haar onmisbare steun bij de bestudering van het middeleeuwse boek schreven dertig college-conservatoren, literatuur-, boek- en kunsthistorici bij haar afscheid de hier gebundelde artikelen. Hun onderling verschillende, maar altijd boeiende bijdragen gaan over de productie, de decoratie en illustratie, het oorspronkelijke gebruik en het latere verzamelen van middeleeuwse handschriften. De meeste bijdragen gaan vergezeld van reproducties uit de bestudeerde handschriften, waarvan een deel in kleur.
In dit boek wordt het fenomeen jeugdliteratuur vanuit verschillende invalshoeken op een wetenschappelijke wijze benaderd. Er wordt dieper ingegaan op de aparte status en het eigen karakter van de jeugdliteratuur en op het specifi eke communicatieproces dat ontstaat wanneer een volwassene zich richt tot een jonge lezer. In dit boek worden de verschillende aspecten van jeugdliteratuur belicht: de auteur, de vertaler, de illustrator, de uitgever, de jonge lezer en de verschillende genres. Centraal staan ook de functie, werking en receptie van jeugdliteratuur. Tal van voorbeelden worden aangebracht ter illustratie, gaande van Nijntje tot Harry Potter. Dit boek is in eerste instantie geschreven voor studenten taal- en letteren en studenten van de lerarenopleiding, maar zal ongetwijfeld ook ouders, leerkrachten, bibliothecarissen en vele anderen interesseren.Over de auteur:RITA GHESQUIÈRE is gewoon hoogleraar aan de K.U.Leuven waar ze aan de Faculteit Letteren het vak Jeugdliteratuur doceert.
Eerste deel van de unieke en kwalitatief hoogstaande Atlas van de anatomie. Doordat de tekst naast de illustratie staat, is het verband tussen beide moeiteloos te zien. Deze verbeterde en uitgebreide druk bevat nog meer klinische aanwijzingen die de verbinding met de praktijk leggen.De algemene anatomie geeft een overzicht van de cel-, weefsel-, skelet- en spierleer, De systematische anatomie van het bewegingsapparaat stelt de opbouw, de functie en het samenspel van skelet en musculatuur aanschouwelijk voor. De topografie van de perifere geleidingsbanen, voor zover deze het bewegingsapparaat betreffen, wordt uitvoerig behandeld.Tekst en beeld zijn geheel herzien. Nu ook met een gekleurd duimenregister, waardoor het opzoeken wordt vergemakkelijkt.
Terzake, 10 januari 2008. Europese moslimverenigingen ondertekenen een charter waarbij ze islam en moderniteit willen verzoenen. Dat is iets waar de witte elite al lang om vraagt. Maar wat maakt Terzake ervan? EÚn grote verdachtmaking jegens moslims in onze samenleving. Dit is een duidelijke illustratie van bijna moedwillige vertekening en slordige - maar geen ongevaarlijke - journalistiek. Media dragen bij tot het imagoprobleem van etnische minderheden. Het debat over de moeizame relatie tussen media en allochtonen woedt al bijna twintig jaar. 'Allochtonen' voeren aan dat ze hun negatief imago te 'danken' hebben aan de media. Media leverden nochtans inspanningen. Maar het water bleef al die tijd heel diep. Dit be´nvloedt het leven en de plaats in de samenleving van de 'allochtonen' in negatieve zin. Het is moeilijk om dit hard te maken. Er is geen onderzoek gedaan naar de impact van het negatief imago van etnische groepen op hun leven. Maar het is niet omdat dit negatief imago, en de impact ervan op het leven, niet onderzocht is, dat het niet minder waar is. Daarom kijken we in dit boek naar beeldvorming, eerder dan naar berichtgeving. De witte media schetst de belangrijke evoluties in dit debat en legt uit waarom media en ? allochtonen? op gespannen voet leven. Daarbij loopt de vaststelling dat de media witte bastions bleven, als een rode draad door dit boek.
Zes eeuwen strafrecht. De geschiedenis van het Belgische strafrecht (1400-2000) is de perfecte illustratie van hoe het recht zich voortdurend vormt en wijzigt onder invloed van ideologische, politieke, sociaal-economische en culturele factoren die op een bepaald ogenblik in de maatschappij overheersend zijn. Het boek schetst het Belgische strafrecht in zijn West-Europese context vanaf de late middeleeuwen tot op heden. Tussen 1400 en 1750 bestond er een strafrecht dat hoofdzakelijk gebaseerd was op religie, traditie en autoriteit. De straffen waren toen gekenmerkt door openbaarheid en gerichtheid op het lichaam. Vanaf 1750 leverde het gedachtegoed van de Verlichting een scherpe kritiek op dit oude strafrecht, waarvan vooral de wreedheid en willekeur werden aangeklaagd. Die kritiek mondde uiteindelijk, mede onder invloed van de Franse Revolutie, uit in een nieuw, rationalistisch strafrecht dat zijn neerslag vond in het Belgische strafwetboek van 1867. Vanaf 1880 kantelde evenwel het rationalistische mensbeeld, wat leidde tot een aantal belangrijke bijzondere strafwetten bovenop het strafwetboek van 1867, die uitgingen van een totaal andere filosofie. Naast de homo economicus"" had men nu ook aandacht voor de ""homo criminalis"" en de ""homo sociologicus"". Het gevolg is dat wij nu een strafrecht met meerdere gezichten kennen. In het boek wordt ingegaan op de vier fundamentele vragen van elk strafrecht: Wie straft? Wat straft men? Hoe straft men? En waarom straft men? Er wordt bijzondere aandacht besteed aan het probleem van de doodstraf, de zelfmoord, het hekserijmisdrijf en de persmisdrijven. Over de auteur:JOS MONBALLYU is gewoon hoogleraar verbonden aan de Rechtsfaculteit van de K.U.Leuven en de KULAK."
Voor als u precies wilt weten hoe het zit met de grammaticaregels van een vreemde taal. De uitleg is helder en de vele voorbeelden zorgen voor een duidelijke illustratie van de behandelde grammaticale verschijnselen. De Prisma grammatica's zijn inmiddels een begrip. Onmisbaar voor taalstudenten of cursisten en voor iedereen die de regels van het Duits perfect wil toepassen. Prisma Grammatica Duits is een ideaal naslagwerk voor wie snel de oplossing zoekt voor een Duits taalkundig probleem. De overzichtelijke indeling, het uitgebreide register en de ruime lay-out vergemakkelijken het opzoeken. Het boek is ook goed te gebruiken als cursusboek voor wie de Duitse grammatica onder de knie wil krijgen of zijn kennis wil opfrissen. In deze druk vindt u bovendien een toelichting op de nieuwe Duitse spelling. Ruime aandacht is er ook voor de alledaagse spreektaal, die soms van de formele regels afwijkt. Praktische aanwijzingen voor correspondentie in het Duits maken het boek compleet.
De antieke Grieken hebben in hun meer dan duizendjarige geschiedenis genoten van hun vertellingen over goden, helden en mensen. De generaties na hen namen dit enthousiasme over en hebben de schat aan verhalen gekoesterd en, al dan niet in een eigen versie, doorgegeven.In alle Europese talen zijn dan ook restanten te vinden van de namen of gebeurtenissen die aan de mythen van weleer zijn ontleend.Ook het Nederlands is rijk aan uitdrukkingen en woorden die rechtstreeks zijn af te leiden uit deze erfenis van de Grieken. Zegswijzen als 'het paard van Troje binnenhalen', 'de doos van Pandora' en 'in Morfeus' armen liggen' zijn blijvende herinneringen aan de Griekse mythen en sagen. Maar ook termen als psyche, paniek, erotisch en maniak gaan terug op min of meer bekende eigennamen uit de Griekse mythologie.Blijvende Erfenis is opgezet als een lexicon van honderd en zestig korte essays, in alfabetische volgorde, over figuren uit de Griekse verhalentraditie die hun sporen in de Nederlandse taal hebben achtergelaten. Bij elk trefwoord is een illustratie gezocht, zowel uit de antieke beeldende kunst, als uit kunstwerken van latere eeuwen waarmee de continuïteit van dit erfgoed in de Europese cultuur wordt aangetoond. Het boek biedt een originele kijk op de nalatenschap die we aan de Griekse oudheid te danken hebben. De lezers zullen vaak verrast zijn wanneer ze gebruikelijke of bijzondere woorden aantreffen die een zeer oude herkomst blijken te hebben.Voor taalkundigen kan dit uitputtende overzicht een aanvulling op hun kennis betekenen. Wie in kunst is geïnteresseerd, krijgt een grote hoeveelheid prachtige afbeeldingen onder ogen die op een en hetzelfde thema zijn geselecteerd. Maar of men nu leek of deskundige is, de charme van de verbeeldingskracht van de klassieke Grieken met hun amusante, pikante en soms dramatische vertellingen zal op niemand haar uitwerking missen, zowel bij een eerste kennismaking als bij het herkennen van wat ooit, op school of elders, is gehoord of gel
Als gevolg van het zo–zo–zo–zo beleid van de overheid ("zo dicht mogelijk bij huis, zo licht mogelijk, zo kort mogelijk en zo tijdig mogelijk") vindt in de hulpverlening steeds vaker ambulantisering plaats. Dit betreft hulp in eigen omgeving, die aansluit op de hulpvraag van cliënten en die van hun eigen kracht uitgaat. De kunt van het hulpverlenen is tegenwoordig mensen zo te helpen, dat de vrijheid om zelf hun leven te bepalen zo groot mogelijk is.Hulp in eigen omgeving belicht allereerst de achtergronden van ambulantisering en gaat vervolgens in op wat onder dit fenomeen wordt verstaan. De casuïstiek uit de verschillende sectoren van de hulpverlening geeft hiervan een illustratie en laat zien dat in de praktijk nog volop met bovengenoemde paradigmaverschuiving wordt geworsteld Tot slot gaat het boek uitgebreid in op de vraag, welke competenties het meer ambulant werken van de hulpverleners verlangt en hoe de opleidingen hierop kunnen inspelen.
Wat zijn de criteria voor een goed kinderboek? Volgens Wim DaniÙls zijn er negen, waaronder spanning, echtheid en humor. Die negen maatstaven worden hoofdstuk voor hoofdstuk uitgewerkt, aan de hand van veel voorbeeldmateriaal. Kinderboeken schrijven is een praktische en diepgaande handleiding die geschikt is voor mensen die in hun eentje zitten te ploeteren, maar ook voor cursisten die een echte schrijfopleiding volgen. Tegelijkertijd biedt het een persoonlijke visie op het creatieve schrijven voor kinderen.
In 1962 verscheen de inmiddels klassiek geworden publicatie Kopij en druk in de Nederlanden. Atlas bij de geschiedenis van de Nederlandse typografie van W.Gs. Hellinga, met bijdragen van H. de la Fontaine Verwey en G.W. Ovink. Eerstgenoemde bracht in een cultuurhistorische schets het boek in beeld van de vijftiende tot en met de twintigste eeuw. Ovink richtte zich op het productieproces van het boek en dan met name op de technische ontwikkelingen met betrekking tot boekdruk en illustratie.Nu, bijna vijftig jaar later, herlezen diverse boekenwetenschappers de opstellen van De la Fontaine Verwey en Ovink. Voor dit jaarboek beschouwen zij deze klassieke teksten in het licht van de huidige stand van de boekwetenschap. Kate Rudy en Ed van der Vlist doen dat voor de veertiende eeuw, Marieke van Delft en Jan Willem Klein voor de vijftiende eeuw en Elly Cockx en Willem Heijting voor de zestiende eeuw. De zeventiende eeuw is van de hand van Paul Dijstelberge en Piet Verkruijsse, terwijl Hannie van Goinga en Jeroen Salman de achttiende eeuw herijken. José de Kruif en Berry Dongelmans buigen zich over de negentiende eeuw en Laurens van Krevelen en Adriaan van der Weel ten slotte, nemen de twintigste eeuw voor hun rekening. Zo biedt dit themanummer een eigentijds overzicht van de geschiedenis van het boek (handschrift én druk) door zeven eeuwen, waarbij nieuwe ontwikkelingen en opvattingen in de vakbeoefening worden gecombineerd met spraakmakende studies sinds 1962.
Het vermogensrecht is alom vertegenwoordigd in het leven van alledag. Vaak realiseren we ons dat niet, zoals bij het kopen van een broodje of een kop koffie. Dat wordt dikwijls anders bij de aankoop van een huis of bij schade veroorzaakt door een derde. Dit boek introduceert het vermogensrecht als systeem, waarbij het zich in het bijzonder richt op beginners in de rechtenstudie.De gebruiker wordt stap voor stap ingevoerd in de beginselen en de systematiek van het vermogensrecht. Naast aan leerstukken besteedt het veel aandacht aan begripsvorming en uitleg. Zodra gebruik van vaktermen noodzakelijk is, gaan ze vergezeld van een verduidelijkende omschrijving en illustratie. Verder brengen voorbeelden de opgevoerde begrippen en leerstukken tot leven. Samen met de opgenomen arresten dragen ze verder bij tot concretisering van de aangeboden stof. Na een inleidend hoofdstuk behandelt het eerste deel het goederenrecht. Aan de orde komen onder andere: absolute rechten, eigendom, bezit, overdracht, derdenbescherming, levering, verjaring, beperkte genotsrechten en zekerheidsrechten. Het tweede deel bevat het verbintenissenrecht met als onderwerpen ondermeer: bronnen, rechtshandeling, totstandkoming overeenkomsten, nietigheid en vernietigbaarheid, uitleg en uitvoering, gevolgen tekortschieten, onrechtmatige daad, kwalitatieve aansprakelijkheid, schade en natuurlijke verbintenissen.
De 16-jarige Jacco Leguijt vertelt hoe het is om autistisch te zijn. Hij ervaart zijn leven als een schiereiland, wel verbonden aan het leven, maar slechts door een kleine band. In plechtige en unieke woorden beschrijft hij zijn leven... dat heel anders is dan van een gewone 16-jarige jongen. Elke onverwachte gebeurtenis brengt hem compleet uit zijn evenwicht. Waar veel jongeren naar verlangen (vrij, vakantie, op reis!) is voor Jacco angstaanjagend. 'Vakantie, lekker onrusten!' zo schrijft hij. Met mensen praten, het krijgen van een nieuwe kamer: alle-maal dingen die heel normaal en bijna 'saai' zijn. Maar niet voor iedereen. Contact kan zo bedreigend als een oorlog zijn waarbij vele tactieken uitgestippeld moeten worden, verande-ringen diep ongelukkig maken. Nieuwe schoenen kunnen de dag compleet verstoren. Wat erg helpt, is het ontwikkelen van een eigen wereld. Zo houdt Jacco erg van fantasy-boeken en van verkleedpartijen. Dan draagt hij zijn zelfgemaakte larpkle-ding, dat maakt hem rustig en ontspannen.In dit unieke levensverhaal ook bijdragen van zijn moeder Guurtje Leguijt.Jacco Leguijt (1989) is autistisch. Hij is de zoon van Guurtje Leguijt (succesvol kinderboeken- en romanschrijfster). Guurtje Leguijt schreef al eerder het kinderboek Heibel in mijn hoofd over een autistische jongen, dat bekroond werd met de prijs voor het beste christelijke kin-derboek. Jacco Leguijt volgt de opleiding Havo aan het Driestarcollege in Gouda. Dit boek is tevens eindexamenwerkstuk.
Dit boek biedt twaalf sfeervolle, toegankelijke verhalen, bestemd voor wie niet meer zelfstandig leest. De gebeurtenissen en personages zijn herkenbaar als 'van vroeger'. Zeker voor wie de periode 1920 -1950 zelf meemaakte. Verhalen van nu die de sfeer van toen opnieuw beleefbaar maken.Mantelzorgers, vakkrachten en vrijwilligers uit de zorg kunnen de verhalen voorlezen. Door het napraten over de verhalen komen voorlezers opnieuw met hun luisteraars in contact. Ook onderling raken de luisteraars bijna vanzelf in gesprek over hun leven. Verhalenvertellers kunnen door gebruik van hun lichaamstaal de verhalen nog verduidelijken en verlevendigen. Bij ieder verhaal is een heldere, warme illustratie opgenomen die nauw aansluit bij de tekst. De illustraties zijn, ook op zich, het bekijken en bespreken waard.
Dit boek is een zeer grondige herwerking van het in 1995 verschenen boek Populaire cultuur, waarin de wetenschappelijke theorievorming over populaire cultuur centraal stond. Dat blijft ook het opzet van dit boek: een analyse bieden van hoe veelal elitaire intellectuelen hebben nagedacht over de cultuur zonder hoofdletter of de cultuur met een kleine c. Zoals in het Manifest van een cultuurpopulist (Acco, 2003) zit ook doorheen deze tekst een stellingname verweven, misschien niet altijd expliciet, maar dan toch impliciet. Dit boek probeert het elitaire spreken van bepaalde sociologen en culturo’s over cultuur met een kleine c te ontmaskeren. Wanneer vaak elitaire doemdenkers praten over de cultuur van het volk, kan men daar een moeilijk uit te roeien dieptestructuur blootleggen, die wij `de cultuurdriehoek` hebben genoemd. Deze cultuurdriehoek (van massacultuur ten opzichte van hoge cultuur en volkscultuur) blijft het cultuurdebat hardnekkig voeden. Ter illustratie van de manier waarop populaire cultuur wel degelijk zinvol bestudeerd kan worden, zijn in dit boek nog niet eerder gepubliceerde teksten opgenomen over jeugdculturen, toerisme, BV’s, sterren in reclame voor een zeepproduct, en tuinkabouters.
De Avonturenmama is een kinderboek met grappige verhalen en leuke illustraties die tot de verbeelding spreken. Ieder hoofdstuk wordt afgesloten met een leuk kinderrecept om zelf te maken en te versieren.
Goede ambulante zorg bieden aan mensen met een ernstige en langdurige psychiatrische stoornis is niet eenvoudig. Door de duur en complexiteit van de problemen zien hulpverleners soms door de bomen het bos niet meer. Of verliezen zij hun geloof in herstel. Ondanks de beschikbaarheid van veel therapieën in de geestelijke gezondheidszorg, ontbrak tot nu toe een heldere methode voor de sociaal-psychiatrische begeleiding van deze patiënten.In dit boek wordt stap voor stap uitgelegd hoe de sociaal-psychiatrische begeleiding van mensen met (niet-psychotische) langdurige problematiek kan worden vormgegeven. Deze aanpak onderscheidt drie fasen met steeds een iets andere bejegenswijze en passende gesprekstechnieken. Ook is er aandacht voor terugkerende vaste elementen in gesprekken, voor onderlinge afspraken en voor de afronding van het contact. Ter ondersteuning en ter illustratie wordt dit boek geleverd met een dvd waarop een aantal filmpjes staat dat verschillende soorten gesprekssituaties laten zien.
Jeugdliteratuur bestaat nietPeter van den Hoven Dat de (internationale) jeugdliteratuur de laatste dertig jaar buitengewoon sterk in ontwikkeling is, zal niemand meer betwisten. Zo lezen steeds meer volwassenen kinderboeken, die als kenmerk een 'dubbele geadresseerdheid' hebben, dat wil zeggen zowel jong en oud aanspreken. Inhoud en literaire vormgeving laten heel verschillende lees- en leefervaringen toe, waardoor de traditionele scheiding tussen literatuur voor kinderen aan de ene, en die voor volwassenen aan de andere kant, wordt doorbroken. Steeds vaker is sprake van cross-overs: literatuur waarbij leeftijd er niet of nauwelijks nog toe doet. In Jeugdliteratuur bestaat niet wordt uitvoerig op de context van deze veranderingen ingegaan. Het eerste deel, zeven hoofdstukken, bevat een analyserende terugblik: informatief, samenvattend, onderzoekend, ponerend en hier en daar polemisch wordt een gedetailleerde schets gegeven van de belangrijkste ideeën, tendensen, benaderingen en kwesties die een rol spelen bij de verschuivingen die plaatsvinden in de verhouding tussen jeugdliteratuur en literatuur voor volwassenen. Het tweede deel, veertien hoofdstukken, bestaat uit verdiepende voorbeelden, toelichtingen en analyses die voortkomen uit en verwijzen naar onderwerpen die in het eerste deel aan bod zijn gekomen. Jeugdliteratuur bestaat niet is een gedocumenteerde studie naar de culturele en literaire emancipatie van het veranderende kinderboek, en is bedoeld voor studenten en docenten literatuur, bibliotheekmedewerkers, critici en ouders.
In de media.Reformatorisch DagbladOver het boek.Voor het eerst worden in dit handboek twee verwante takken in de geneeskunde samengebracht: de forensische en de penitentiaire geneeskunde.Beide hebben hun werkveld in een strafrechtelijke context. Het verbaast dan ook niet dat de beroepsbeoefenaars ervan veelal op enig moment in hun carrière van forensische naar justitiële praktijk wisselen, of andersom. Het juridische kader van beide beroepen vertoont echter belangrijke verschillen.Dit handboek geeft een praktisch antwoord op de vraag binnen welk kader deze en gene arts werkt, hoe te handelen in bepaalde omstandigheden en tenslotte op de vraag die in de forensische geneeskunde van groot belang is: hoe ziet een bepaald fenomeen of letsel eruit.Alle grote thema’s van de forensische geneeskunde worden uitgebreid behandeld. Onder meer: lijkschouw, letselbeschrijving, zedenonderzoek, bloedafname ten behoeve van het strafrecht en arrestantenzorg. Dat maakt het handboek geschikt als basisboek forensische geneeskunde. Daarnaast komen verdiepingsthema’s aan bod, zoals kindermishandeling, NODO, identificatie, DNA, antropologie, odontologie en toxicologie.Wat betreft de penitentiaire geneeskunde, zijn vanuit het mensenrechtelijke en juridische kader de praktijk en problemen van alle dag besproken. Als thema’s die van belang zijn voor zowel de forensische als de penitentiaire geneeskunde zijn gekozen: psychiatrische zorg, verslavingszorg, body packers en infectieziekten. Dit handboek richt zich op de eerstelijns forensisch arts en de arts die werkzaam is in een penitentiaire inrichting. Het bevat talrijke afbeeldingen en voorbeeldformulieren ter illustratie.
De boekverkoperstip van Jos Groenewoud (selexyz van piere)kritische observatie van onze samenleving"Dit indrukwekkende boek van Michel Houellebecq is eigenlijk een kritische observatie van onze samenleving aan de hand van het leven van een succesvol kunstenaar. Op een vlijmscherpe maar tegelijkertijd ook milde manier houdt hij ons een spiegel voor. Wat is de waarde van kunst en wat stellen menselijke relaties voor in deze moderne tijd? Ik was van het begin tot het einde betrokken, en wilde het niet meer wegleggen. Een mooie leeservaring."'Jeff Koons was net opgestaan uit zijn stoel en had zijn armen uitgestoken in een enthousiast gebaar. Een beetje in elkaar gezakt op de witlederen, deels met zijde overtrokken sofa tegenover hem leek Damien Hirst een tegenwerping te willen maken; hij had een hoogrood, chagrijnig gezicht. Allebei droegen ze een zwart pak - dat van Koons met een fijn streepje - , een wit overhemd en een zwarte stropdas. Op de salontafel tussen de twee mannen in stond een mandje met gekonfijte vruchten, waar ze geen van beiden aandacht aan schonken; Hirst dronk een Budweiser Light.'Met De kaart en het gebied is Houellebecq een nieuwe weg ingeslagen. Zijn welbekende thema's ontbreken grotendeels, de toon is ingetogen, de compositie uitgekiend en de stijl subtiel. Veel recensenten wisten zich daardoor met het boek geen raad en schreven vooral over wat het níet is, maar de oordelen waren opvallend eensluidend: De kaart en het gebied is een waar meesterwerk.
'Jeff Koons was net opgestaan uit zijn stoel en had zijn armen uitgestoken in een enthousiast gebaar. Een beetje in elkaar gezakt op de witlederen, deels met zijde overtrokken sofa tegenover hem leek Damien Hirst een tegenwerping te willen maken; hij had een hoogrood, chagrijnig gezicht. Allebei droegen ze een zwart pak - dat van Koons met een fijn streepje - , een wit overhemd en een zwarte stropdas. Op de salontafel tussen de twee mannen in stond een mandje met gekonfijte vruchten, waar ze geen van beiden aandacht aan schonken; Hirst dronk een Budweiser Light.'Met De kaart en het gebied is Houellebecq een nieuwe weg ingeslagen. Zijn welbekende thema's ontbreken grotendeels, de toon is ingetogen, de compositie uitgekiend en de stijl subtiel. Veel recensenten wisten zich daardoor met het boek geen raad en schreven vooral over wat het níet is, maar de oordelen waren opvallend eensluidend: De kaart en het gebied is een waar meesterwerk.
Jubelientje en oma hebben veel plezier. Als ze naar de garage moeten. Als ze allebei het laatste dropje op willen eten. Als er jonge hondjes worden geboren… De puppy’s zijn zo lief! Jubelientje wil ze allemaal houden.In Jubelientje en het laatste dropje zijn opgenomen Jubelientje en haar liefste oma (Vlag en Wimpel van de Griffeljury), Jubelientje weet de weg en Jubelientje krijgt jonkies (Getipt door de Kinderjury). Het bevat 46 verhalen - 5 stripverhalen - 1 liedje - en een heleboel brieven. Om voor te lezen of om zelf te lezen na ongeveer één jaar leesonderwijs.